Cecilia in de nieuwe Bavo

Sluitsteen met het monogram van Cecilia in de nieuwe Bavo (foto Margaretha Svensson-beeldbank RCE)
Sluitsteen met het monogram van Cecilia in de nieuwe Bavo (foto Beeldbank RCE-Margaretha Svensson).

Ook dit ornament hoort in de serie verborgen schoonheden in de nieuwe Bavo. Je kunt vast raden waar het zit, als ik je vertel waar de initialen voor staan: Cecilia die op 22 november haar feestdag heeft. Alleen de eerste vier letters die haast aan elkaar geregen worden door een S, van sancta uiteraard. Joseph Cuypers heeft dit op een aparte manier gedaan, want het gaat hier om een sluitsteen die je overal ziet waar gewelfribben elkaar ontmoeten (alweer een hint dus, want dat betekent omhoog kijken). Meestal zijn de sluitstenen rond, maar hier heeft hij er een soort kussentje van gemaakt. Probeer eens met je ogen het patroon van het fraai gestrikte lint te volgen, waar in de kwasten gouddraad lijkt te zijn verwerkt. Rond de gouden letters op het blauwe fluweel – want zo stel ik me dat voor – is een lauwerkrans gevlochten. Dat herinnert aan de ene kant aan de Romeinse herkomst van Cecilia en aan de andere kant aan haar martelaarschap.

Het interessante van kerkelijke kunst is dat ze ons als een tijdcapsule terugbrengt naar momenten lang geleden, in dit geval naar Rome anno 223. Hoe zou het daar toen zijn geweest. Als je het verhaal van Cecilia in de ‘Legenda aurea’ leest, waren het geen rustige tijden, want ze werd immers gedood vanwege haar geloof. In de eerste eeuwen van het christendom ging het op en af met de vervolgingen, ook al was het geloof al vrij snel doorgedrongen tot de hogere regionen van de maatschappij. Cecilia is wat dat betreft een mooi voorbeeld, want zij kwam, zoals de ‘Legenda aurea’ vertelt, uit een nobel geslacht.

In dit verhaal is ook de aardige misinterpretatie opgenomen die er toe leidde dat Cecilia de patrones van de muziek werd. Het gaat om één zin uit de oorspronkelijke legende, waarin staat dat ze tot God zong, terwijl de muziek van haar bruiloft opklonk. De passage ‘cantantibus organis’ (=klinkende muziekinstrumenten) werd veel later zo begrepen dat zij tot God bad, terwijl ze het orgel liet zingen. Zo heeft ze Gregorius als originele patroon van de muziek weten te verdringen. Het aardige is dat ook hij in de nieuwe Bavo aanwezig is, en als je hem hebt gevonden ben je behoorlijk dicht in de buurt van deze sluitsteen. Overigens had de architect wel iets met Cecilia, maar daarover vertel ik een andere keer.

Wil je meer weten over de nieuwe Bavo van Joseph Cuypers, teken dan in op mijn boek Ad orientem: http://bit.ly/Bavo-Ao.

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


 

Bronnen &
  • Akker s.j, Dries van den, en Albert Gerritsen, Heiligen, op: www.heiligen.net (vanaf 2007), zoekterm Cecilia.
  • Beeldbank RCE, zoektermen: Bavo, Margaretha Svensson.
  • Caxton, William, The Golden Legend or Lives of the Saints. Compiled by Jacobus de Voragine, Archbishop of Genoa, 1275. First Edition Published 1470. Englished by William Caxton, First Edition 1483, Edited by F.S. Ellis, Temple Classics, 1900 (Reprinted 1922, 1931.) | http://bit.ly/Legenda-aurea, zoekterm Cecilia.
  • Hubar, Bernadette van Hellenberg, De nieuwe Bavo te Haarlem, Ad orientem | Gericht op het oosten, WBOOKS-Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo, op initiatief van de Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Zwolle-Haarlem 2016.
  • Wursten, Dick, ‘St. Caecilia – patrones der muziek en muzikanten’, op: dick.wursten.be, http://www.dick.wursten.be/caecilia.htm (2015).

Om mijn boek over de kathedraal te bestellen, klik je op deze link: http://bit.ly/Bavo-Ao.

Nota bene — Dit item maakt deel uit van de serie ‘Kunst met de kleine en de grote K in de nieuwe Bavo’ die ik schrijf voor de Facebookpagina van de kathedrale basiliek Sint Bavo en Ifthenisnow.

 

Kunst met een kleine en een grote K in de nieuwe Bavo

Eind november 2015 ben ik gestart met een serie over kunst met een kleine en een grote K voor de Faceboekpagina van de nieuwe Bavo en het platform if then is now. Er valt voor een verhalenverteller zoveel te doen bij de kathedraal, zelfs als je klaar bent met de kopij van een boek van ruim 300 pagina’s. Via de pictografie hieronder kom je terecht bij de ene na de andere blog. Gaat het niet over het gebouw, dan gaat het wel over de architect, gaat het niet over de architect, dan wel over de inrichting, gaat het niet … ach, ik zou zeggen, klik eens wat aan en neem een kijkje. Je bent van harte welkom!

Hoe het werkt?

Klik op het plaatje of de link onder de afbeelding en je komt vanzelf bij het verhaal terecht.

De balustrade van de koepel in de nieuwe Bavo. Foto bvhh.nu 2013.

Boven: de balustrade van de koepel van de nieuwe Bavo. Foto bvhh.nu 2014.

De items op de Facebookpagina van de nieuwe Bavo

Klik op het plaatje of de link onder de afbeelding en je komt vanzelf bij het verhaal terecht.

Detail van een van de glazen in de lucida van de nieuwe Bavo van Pierre J.H. Cuypers (figuratie) en Joseph Th.J. Cuypers (ornamenten). Foto BvHH 2015.  Bloemen voor sint Jozef op 19 maart (foto BvHH 2015)

Links: het openingsconcert/lezing van ‘De nieuwe Bavo bloeit’. Rechts: de feestdag van Sint Jozef op 19 maart trok veel bekijks!

Joseph Cuypers in De Limburger van 11 februari 2016.  Joseph Cuypers 75 jaar, artikel De Tijd 9 juni 1936, herkomst Delpher.
Links: het artikel over Joseph Cuypers in De Limburger kreeg op Facebook veel aandacht. Rechts: is het nu Jos, Jos. of Joseph Cuypers (herkomst: Delpher)?

Ambachtsman of trapezewerker in de nieuwe Bavo (foto BvHH 2016).  Feestcantate voor bisschop Bottemanne met blazoen.
Links: ambachtsman of trapezewerker in de nieuwe Bavo (foto BvHH 2016)? Rechts: wat heeft deze feestcantate met Driekoningen te maken (foto BvHH 2014)?

Op zoek naar de monsters in de nieuwe Bavo (foto BvHH 2015).  De Kerstkapel van de nieuwe Bavo (foto BvHH 2014).
Links: op zoek naar de monsters (foto BvHH 2015). Rechts: de Kerstkapel van de nieuwe Bavo (foto BvHH 2014).

Marc Mulders met de koepelschaal van de doopkapel van de nieuwe Bavo (foto Stephan van Rijt 2013).   Hogepriester op het Sacramentsaltaar nieuwe Bavo (foto BvHH 2015)
Links: Marc Mulders met de koepelschaal van de doopkapel van de nieuwe Bavo (foto Stephan van Rijt 2013). Rechts: de hogepriester op het Sacramentsaltaar van de nieuwe Bavo (foto BvHH 2015).

Op de steigers van de nieuwe Bavo  Joseph Cuypers, monogram van Cecilia in de sluitsteen (1898)
Links: introductie van de serie ‘Kunst met een kleine en een grote K in de nieuwe Bavo’ (foto BvHH 2013). Rechts: d
e sluitsteen met Cecilia (foto Beeldbank RCE-Margaretha Svensson)

De items bij ‘if then is now’

Klik op het plaatje of de link onder de afbeelding en je komt vanzelf bij het verhaal terecht.

De sluitsteen van de apsis van de nieuwe Bavo (Beeldbank RCE-Sjaan van der Jagt/Pixelpolder 2015). 'De heilige Geest' van Huib Luns uit: F.R. Hazenberg, Landgoed Hageveld, Heemstede (2012).
Links: het item over Pinksteren bracht weer de nodige verrassingen, ook op LinkedIn (rechts).

Dibbets straalt in de nieuwe Bavo. Het schip is klaar!

Links: hoe Jan Dibbets en Glasatelier Hagemeier in de Bavo stralen. Rechts: het schip van de nieuwe Bavo te Haarlem is klaar!

Historische opname van het kleimodel van het poepertje, voordat het in steen gehakt werd. Herkomst Noord-Hollands Archief haarlem, Parochiearchief nieuwe Bavo (collage en foto BvHH 2016 en 2014).  Driekoningenfeest op Ifthenisnow
Links: Het poepende mannetje op de nieuwe Bavo. Rechts: het bisdom Haarlem had veel aandacht voor volksgebruiken, zoals het Driekoningenfeest (Hoofdfoto: Cornelis Troost, Driekoningenzangers (1750). Met dank aan Teylersmuseum Haarlem).

De beelden boven de Kerstkapel van de nieuwe Bavo.  Nieuwe Bavo tijdens kerstvakantie geopend (foto's screenshot Marij Coenen, 2014)
Links: de beelden boven de Kerstkapel (foto BvHH 2013). Rechts: Nieuwe Bavo tijdens kerstvakantie geopend (foto’s screenshot Marij Coenen, 2014).

De glazen de lucida van de nieuwe Bavo.  nBavo-torenkalender-Jo Kunnen-P1110895
Links: De glazen van vader en zoon Cuypers in de lucida van de nieuwe Bavo (foto’s BvHH 2014). Rechts: het kalendarium in de noordertoren van de nieuwe Bavo (foto Jo Kunnen 2015).

Joseph Cuypers, Opstand van de oostpartij van de nieuwe Bavo (1895)  Nieuwe Bavo Ad orientem omslag WBOOKS
Links: ontwerpen aan de nieuwe Bavo te Haarlem (foto BvHH 2014). Rechts: waar gaat ‘Ad orientem‘ eigenlijk over? (ontwerp Marjo Starink, foto RCE beeldbank-Sjaan van der Jagt/Pixelpolder).

KathedraalMuseum nieuwe Bavo fthenisnow  Bundels licht: Niels Polak en Joseph Cuypers in de nieuwe Bavo.
Links: KathedraalMuseum nieuwe Bavo (foto’s screenshot Niels Polak, 2015).  Rechts: het grote artikel uit 2014 over de atmosferische lichtval in de nieuwe Bavo naar aanleiding van de fototentoonstelling van Niels Polak (foto Niels Polak 2014).

Verder op deze site en op LinkedIn

Vanaf het moment dat ik bezig ben met de nieuwe Bavo heb ik verschillende stukjes geschreven voor deze website.
Een paar heb ik hieronder geplaatst, terwijl je de rest kunt vinden in de rubriek De nieuwe Bavo in verhalen.
Ook op LinkedIn wordt via de ‘long post’ aandacht op de nieuwe Bavo gevestigd.

Klik op het plaatje of de link onder de afbeelding en je komt vanzelf bij het verhaal terecht.

Stairway to heaven. Ontwerp Sarah Dikker. Constructie Van Hoogevest Architecten. Foto Bram Bos, Vocoza Kamerkoor 2016.

 Boven: de presentatie ‘Flora in steen’ bij gelegenheid van ‘De nieuwe Bavo bloeit’ staat on line

Lettertekens en emblemen in de galerij onder de lichtbeuk van de apsis. Wat is wat?  Ruskin Dirk Bogarde mooiste erfgoedverhaal
Links: hommage aan het team (collage met foto’s BvHH 2013). Rechts: de puzzel rond Ruskin in de nieuwe Bavo

De nieuwe Bavo is een onuitputtelijke bron, dus voorlopig ben ik nog niet klaar met deze korte stukjes.

Ondertussen hoop ik dat het velen van jullie zal aanmoedigen om mijn boek over de kathedraal te bestellen!
Klik daarvoor op deze link: http://bit.ly/Bavo-Ao.

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!

Verkorte link van dit item: http://bit.ly/nieuweBavo-kunst

Nota bene — In het geval van doublures tussen de Facebookpagina en ‘If then is now’ wordt alleen het eerst geplaatste item vermeld.

Grafmonument familie Cuypers te Roermond (2005)

Untitled Untitled
Pierre Cuypers op de leeftijd van 48 en 90 jaar.1

Terugblik

Mijn relatie met Cuypers startte in 1978, tijdens mijn afstudeeronderzoek naar de romaanse oostpartij van de Servaaskerk te Maastricht. Op dat moment was de hele uitmonstering op de koortravee en de apsis na, nog helemaal aanwezig en je kon de bouwgeschiedenis niet doorgronden, zonder je eerst door de ingrepen van Cuypers heen te werken. Aanvankelijk vol weerzin tegen die negentiende-eeuwse, ‘vertroebelende’ laag, groeide lopende het project waardering en bewondering voor de kennis van deze architect en zijn twee kompanen, Victor de Stuers en Jozef Alberdingk Thijm. Dat was het begin van een avontuur dat leidde tot de oprichting van het Cuypersgenootschap in 1984 en mijn promotie in 1995. Met het onderzoek naar de nieuwe Bavo dat in 2013 een aanvang nam, heb ik mijn fascinatie voor deze bouwmeester overgedragen op zijn zoon, Joseph Th.J. Cuypers.

Na mijn proefschrift over het programma van de voorgevel van het Rijksmuseum heb ik een aantal onderzoeken verricht die interessant zijn om Cuypers senior beter te leren kennen. Die kun je bekijken en downloaden via Cuypers4all. Hieronder vind je een samenvatting van de publicatie over zijn grafmonument in Roermond.2 In een later stadium zal een item volgen over het onderzoek naar zijn huis en tevens atelier, het huidige Cuypershuis te Roermond. Daarin komt vooral zijn vernieuwende karakter naar voren in een werkomgeving met stoommachines en in een comfortabele woonplek met een van de eerste waterclosets (toilet) in Nederland. Tot slot komt een aantal verhalen uit de Cuyperscode aan de orde die een tipje van de persoonlijke sluier oplichten. De collectie Cuyperiana is inmiddels ook aangevuld met verhalen over Joseph Cuypers. Maar nu eerst naar het begin en het einde, de alfa en de omega: de grafkapel van en voor de familie Cuypers.

Op Allerzielen 2 november 2006 is het herstelde grafmonument van Pierre J.H. Cuypers door de bisschop van Roermond, monseigneur Frans Wiertz, na een mis in de grafkapel van de bisschoppen, plechtig ingewijd als slotceremonieel van de restauratie. De campagne werd voorbereid en begeleid door Res nova (cultuurhistorisch onderzoek, sponsoring, subsidie- en fondsenwerving, vergunningentraject, draagvlakverbreding en directie werkzaamheden) in samenwerking met architect Hans Coppen en aannemer Tom Loven te Roermond. Beeldhouwer Ton Mooy verzorgde de vier nieuwe beelden voor het monument. Als slotstuk van de restauratie zijn de vier vervangen beelden geconserveerd en overgedragen aan het stedelijk museum ‘Het Cuypershuis’ te Roermond. Voor dit werk tekende restaurateur Adriaan van Rossum. Het bestuur van de Stichting Restauratie Grafmonument dr P.J.H. Cuypers heeft na de voltooiing van de restauratie het monument overhandigd aan de familie Cuypers die voor verder gebruik en beheer zorg zal dragen. Tijdens de restauratie werden de belangen van de familie behartigd door met name drs Pierre M. Cuypers uit Bemmel.3

Grafmonument Cuypers met het ontbrekende beeld. Foto: Jan Straus
Het ontbrekende beeld op het grafmonument met links Cecilia en rechts Petrus.

Het meest spannende onderdeel van de restauratie was de reconstructie van het ontbrekende beeld. Uit onderzoek bleek dat dit geïdentificeerd kon worden als Johannes de Evangelist. Hij verwijst niet alleen naar de vader van Cuypers die als oudste familielid in het graf is bijgezet, maar ook naar het visioen van het hemelse Jeruzalem dat Cuypers als symbool beschouwde van de volmaakte architectuur. Een korte samenvatting van het onderzoek is in 2005 ten behoeve van de fondsenwerving onder de titel ‘Tussen tijd en eeuwigheid’ uitgebracht en hieronder overgenomen. De afbeeldingen van het grafmonument hierin zijn van vóór de restauratie. Het hoofdrapport met de waardenstelling kan overigens gedownload worden via deze link.

Cuypers' gerestaureerd grafmonument met Johannes de Evangelist. Foto 2005 Cuypers' gerestaureerd grafmonument met Petrus en Catharina. Foto 2005 Cuypers' gerestaureerd grafmonument met Cecilia en Catharina. Foto 2015.
Het nieuwe beeld Johannes, het meer vrij gekopieerde beeld Petrus en de gereproduceerde beelden Cecilia en Catharina (van links naar rechts).

Tussen tijd en eeuwigheid

Begraven, maar niet vergeten!

Architect dr Pierre Cuypers (bekend van onder meer het Rijksmuseum en het Centraal station in Amsterdam) ligt begraven op ‘d’n Aje Kirkhoaf’ in Roermond. Het grafmonument, waar ook andere leden van zijn familie hun laatste rustplaats hebben, en het ontwerp van de begraafplaats zelf zijn beide van zijn hand en hebben sinds enkele jaren de status van rijksmonument.

Wie was Pierre Cuypers?

Pierre Cuypers werd in Roermond geboren op 16 mei 1827. Na het stedelijk gymnasium ging hij in 1844 naar de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen om zich te ontwikkelen als architect en allround ontwerper op het gebied van de toegepaste kunsten. In 1849 keerde hij terug naar Roermond, bekroond met de prix d’excellence. Een jaar later stelde de gemeente hem aan als stadsarchitect, terwijl hij door de bisschop van Roermond belast werd met de restauratie van de Munsterkerk.

Vanaf het begin maakte Cuypers naam met wat we kortweg als neogotiek aanduiden: hij ontwikkelde een eigentijdse stijl, waarbij hij elementen uit de Europese gotiek combineerde met inheemse motieven en materialen. Met name baksteen was favoriet. In Antwerpen waren de angry young men van de Academie te hoop gelopen tegen de bepleisterde schijnarchitectuur. In plaats daarvan werd ‘kale’ baksteen gebruikt: eerlijk en duurzaam materiaal dat op dat moment echter een armoedige reputatie had. Door dit te combineren met verfijnde metseltechnieken en toe te passen in verschillende kleurschakeringen, wist Cuypers de markt te interesseren voor zijn nieuwe manier van bouwen. Op den duur slaagde hij er zo in om een eigen ‘nationaal’ gezicht te geven aan internationale stromingen als de neogotiek en de neorenaissance.

Cuypers' huis en werkplaatsen te Roermond circa 1900.
Avant garde-architectuur van 1853: het woonhuis met de werkplaatsen te Roermond.

Zijn middeleeuws aandoende stijl, waarmee Cuypers teruggreep op de inheemse bouwtradities, was toentertijd zeer modern. Het complex van zijn eigen woonhuis en enkele werkplaatsen (tegenwoordig het Cuypershuis van Roermond) gold bij oplevering in 1853 als een avant-gardistisch visitekaartje van het architectenbureau en de kunstwerkplaatsen van Cuypers.

In 1850 trouwde Cuypers met de Antwerpse modiste Rosalie van de Vin. Zij overleed echter in 1855, kort na de dood van hun tweede dochtertje. In 1859 hertrouwde hij met Antoinette, de jongste zus van de Amsterdamse koopman en publicist Joseph Alberdingk Thijm, een goede vriend van Cuypers. Nenny, zoals zij in huiselijke kring heette, en Pierre kregen vijf kinderen, waarvan zoon Joseph zelf ook een bekend architect werd. Beide echtgenotes en Joseph en zijn vrouw Delphine zijn bijgezet in het familiegraf in Roermond.

Voor de verdere ontwikkeling van architectenbureau Cuypers is zijn succes als ‘netwerker’ bijzonder belangrijk. In 1853 werd de kerkelijke hiërarchie hersteld in Nederland, hetgeen betekende dat de katholieke kerk zich als organisatie in het land mocht vestigen. Het gevolg was dat de paus met goedkeuring van de Nederlandse staat overging tot de oprichting van nieuwe bisdommen, van waaruit over heel Nederland nieuwe parochies werden gesticht. Dit luidde een hausse in de kerkenbouw in. Cuypers was samen met zijn compagnon Frans Stoltzenberg juist in 1853 van start gegaan met hun atelier voor christelijke kunst en had zich in Antwerpen al bekwaamd in de neogotische kerkenbouw. De timing om deze nieuwe markt te veroveren, was dus perfect.

De Willibrordus-buiten-de-Veste te Amsterdam, ontworpen door Cuypers (1864-1866) en voltooid door Joseph Th.J. Cuypers in 1897 en 1923.
De Willibrordus-buiten-de-Veste, ontworpen door Pierre Cuypers (1864-1866). Van de hoge torens van deze zogenaamde Kathedraal van Amsterdam, werd uiteindelijk alleen die op de viering uitgevoerd, en wel door Joseph Cuypers. De kerk is gesloopt in 1970.

In 1863 verhuisde Cuypers zijn architectenbureau naar Amsterdam, waar ‘het’ immers allemaal gebeurde. Mede door zijn functie als lid van het College van Rijksadviseurs voor de Monumenten van Geschiedenis en Kunst en zijn relatie met Victor de Stuers kreeg Cuypers de opdrachten voor het Rijksmuseum en het Centraal Station in Amsterdam alsmede vele restauratieopdrachten.

Ook bij deze prestigieuze opdrachten paste Cuypers consequent baksteen als bouwmateriaal toe. Voor het Rijksmuseum liet hij zelfs een speciaal formaat ontwikkelen. Geen wonder dat zowel de vereniging van baksteenfabrikanten als de Nederlandse aannemersvereniging Cuypers huldigde bij verschillende jubilea. Doordat hij als voortrekker het traditionele bouwvak in ere had hersteld, was het spin-off effect van zijn praktijk voor zowel de ene als de andere bedrijfstak aanzienlijk.

Behalve als architect was Cuypers actief als politicus in de gemeenteraad van Amsterdam en Roermond en richtte hij een van de eerste werkgeversorganisaties in Nederland op.

Stadsplattegrond van Roermond uit 1902.
Stadsplattegrond van Roermond uit 1902: de clustering van gebouwen op het snijpunt van de wegen linksonder betreft het complex van de Kapel in het Zand. Aan de weg die naar het zuiden loopt, ligt de entree tot het kerkhof.

De begraafplaats ‘d’n Aje Kirkhoaf’ in Roermond

In de negentiende eeuw maakte de dood meer deel uit van het dagelijkse leven dan vandaag de dag. De frequentie waarmee men familie en vrienden verloor was relatief hoog ten gevolge van een verhoudingsgewijs laag peil van de kraam- en algemene gezondheidszorg. De positie die men bij leven had moest ook zichtbaar zijn na de dood. Graven waren statussymbolen, waarbij families elkaar de loef af wilden steken met de fraaiste monumenten. De laatste rustplaats werd het middelpunt van architectonische, beeldhouwkundige en sierijzeren hoogstandjes. Zo bevindt zich op het kerkhof in Roermond neogotische (graf)kunst van hoge kwaliteit in een parkachtige omgeving.

De ‘Aje Kirkhoaf’ is een van de oudste algemene begraafplaatsen in Nederland en kent een strikte scheiding van de diverse geloofsovertuigingen, zoals die in Nederland vanaf het eind van de achttiende eeuw voor dodenakkers werd doorgevoerd. Naast de indeling in religie is er op het kerkhof ook een duidelijk onderscheid in vier klassen. In de eerste klasse lieten de rijken zich begraven in “eeuwigdurende graven”, met monumentale opbouwen en indrukwekkende grafkelders. De tweede en derde klasse bestonden uit huurgraven, de vierde klasse was bedoeld voor de armste bewoners.

Deze indeling is van de hand van Cuypers, die als stadsarchitect in 1858 de begraafplaats opnieuw inrichtte. Toen ontstond ook het lineaire karakter van het kerkhof en de aandacht voor de beplanting. Inrichting en beplanting van de begraafplaats zijn belangrijk om bezoekers in de juiste sfeer te brengen. Cuypers en zijn tijdgenoten deelden de romantische visie dat de weemoed op een kerkhof een brug sloeg tussen hemel en aarde.

Cuypers gerestaureerd grafmonument aan de voet van de bisschoppelijke Grafkapel. Foto: Jan Straus
Het grafmonument van P.J.H. Cuypers ligt aan het koor van de bisschoppelijke Grafkapel. Deze symbolisch zeer belangrijke locatie zorgt ervoor dat zijn status tot het einde der tijden is verzekerd.

Cuypers’ boodschap

Het versleutelen van boodschappen in de kunst door middel van symbolen is iets van alle tijden. Bij Cuypers kan men deze ontcijferen, omdat zijn beeldentaal geënt was op een brede onderstroom van collectief bewustzijn die sterk bepaald was door het katholieke geloof. Dit kent een schat aan metaforen rond het thema ‘dood en verrijzenis’. Het kerkhof wordt beschouwd als het vertrekpunt naar het paradijs. Dit paradijs wordt gevonden in de heilige Stad, het hemels Jeruzalem dat de evangelist Johannes in de Openbaringen heeft beschreven. Deze stad staat symbool voor de katholieke maatschappij met haar heilige ordening in rangen en standen, die op haar beurt weer is ingebed in de indeling van het kerkhof. Maar dit hemelse Jeruzalem wordt ook zichtbaar gemaakt door middel van architectuur, beelden, schilderingen, (edel)smeedkunst en glas-in-lood in het aardse kerkgebouw dat als een voorafspiegeling van de Goddelijke stad geldt. Elementen als deze vormen de kern van Cuypers’ gedachtegoed, waarin de architect een rijke middeleeuwse symboliek en de rituelen van het katholieke geloof versleutelde.

Naast het thema van het hemels Jeruzalem, speelde het lijdensmotief een toonaangevende rol: het centrale ritueel in het katholieke geloof bestaat uit de eucharistie, het ‘Heilig Sacrament des Altaars’, waarbij het bloedige lijden en sterven van Christus op onbloedige wijze wordt herdacht. Daarom bevat elk altaar een kleine holte: het sepulchrum, dat een verwijzing vormt naar het graf van Christus. Iedere kerk was zo tevens de grafkerk van Christus en verwees als zodanig naar de Grafkerk bij uitstek in Jeruzalem. Dit gebouw, opgetrokken boven het lege graf van Christus (Jezus is herrezen), vormt – hoe kan het ook anders – een christelijk icoon van klasse.

Grafmonument Cuypers met de leeuw als symbool van Marcus. Grafmonument Cuypers met de os als symbool van Lucas. Grafmonument Cuypers met de adelaar als symbool van Johannes. Grafmonument Cuypers met de mens als symbool van Mattheus.
De vier evangelistensymbolen in de hoeken van het randschrift rondom de zerk en de gedenkpijler: de leeuw van Marcus, de os van Lucas, de adelaar van Johannes en de engel of mens van Mattheus.

Beide thema’s herkende Cuypers op goede gronden in de middeleeuwse Munsterkerk te Roermond. Toen hij dan ook in 1887 opdracht kreeg om een bisschoppelijke Grafkapel op ‘d’n Aje Kirkhoaf’ te ontwerpen, greep hij terug op dit model. Cuypers was waarschijnlijk al in 1858, ten tijde van de herinrichting van het kerkhof, op de hoogte van de geoormerkte positie van die grafkapel en heeft deze voorkennis gebruikt bij de bepaling van de locatie van zijn eigen graf. Als voorafbeelding van het hemels Jeruzalem, wordt de begraafplaats als het ware tot een microkosmos van de maatschappij. Het centrum van deze microkosmos wordt gevormd door de bisschoppelijke Grafkapel. Door deze symboliek plaatste Cuypers zijn graf zowel ín het hemels Jeruzalem als in de directe nabijheid van deze heilige Stad.

Grafmonument Cuypers voor de restauratie. Foto: Jan Straus
Het grafmonument van dr Pierre J.H. Cuypers te Roermond voor de restauratie (Foto: Jan Straus)

Het grafmonument van de familie Cuypers

Locatie en oriëntatie óp de begraafplaats waren van essentieel belang. Direct na de voltooiing van de werkzaamheden in 1858 wist Pierre Cuypers een vergunning te verkrijgen voor de bouw van een grafkelder op een prominente positie, in de directe nabijheid van de dertig jaar later door hem gebouwde bisschoppelijke Grafkapel.

Het grafmonument is één van de meest opvallende gedenktekens op het kerkhof. Zij geldt als eerbetoon aan zijn overleden familieleden en uiteindelijk ook voor Cuypers zelf. Het monument bestaat uit twee zerken en een grootse gedenkpijler. Op de sokkel, voorzien van de namen van de in het graf gelegen personen, is een opbouw met vier elegante heiligenfiguren geplaatst. De neogotische vormentaal van het geheel is kenmerkend voor de tweede helft van de negentiende eeuw. Het is bovendien de ‘taal’ die Cuypers gedurende zijn carrière vervolmaakte en op grote schaal toepaste.

De grafzerk van Rosa dateert van 1858 en is ontworpen in middeleeuwse stijl. Inspiratiebron hiervoor was de zerk die Cuypers vriend, geestverwant en latere zwager, Josef Alberdingk Thijm in 1855 voor de laatste rustplaats van zijn familie ontwierp. Rosa staat als het ware in een gotische kerk – verwijzing naar het hemels Jeruzalem – en is omringd door de vier evangelistensymbolen die aan ‘den ingang der poorte van het huis des Heere’ staan.

Grafmonument Cuypers voor de restauratie met de zerk van Rosa. Foto: Jan Straus
De zerk van Cuypers’ eerste vrouw, Rosa van de Vin.

De gedenkpijler, waartoe ook vier heiligenbeelden behoren, is ontstaan na de dood van Cuypers’ tweede vrouw, in 1898. De heiligen Cecilia en Catharina zijn beide verwijzingen naar Nenny; Cecilia als patrones van de muziek, Catharina als naamheilige. Beide figuren keren ook terug op een piano die Cuypers als verlovingsgeschenk aan zijn jonge vrouw had geschonken. Petrus is niet alleen afgebeeld als de naamheilige van Pierre Cuypers, maar ook als de drager van de sleutels die toegang bieden tot de poorten van de hemel, de heilige Stad. Verder was Petrus de eerste bisschop van Rome en staat hij dus symbool voor de aardse kerk.

Het vierde beeld, dat met moeite geïdentificeerd kon worden, is Johannes. Hij kreeg niet alleen een plaats als naamheilige van de vader van Cuypers, maar vooral als Johannes de evangelist die het hemels Jeruzalem in zijn visioen heeft gezien. Hij is op het grafmonument zo geplaatst dat hij kijkt naar de bisschoppelijke Grafkapel, de aardse voorafspiegeling van het hemels Jeruzalem.

Grafmonument Cuypers Mariasymbool roos op hoek baldakijn.  Grafmonument Cuypers Mariasymbool maarts viooltje op hoek baldakijn.  Grafmonument Cuypers Mariasymbool maarts viooltje op hoek baldakijn.  Grafmonument Cuypers Mariasymbool roos op hoek baldakijn.
De hoeken van de baldakijnen boven de vier heiligen zijn gesierd met bloemen die terug te voeren zijn tot de roos en het maarts viooltje: beide behoren tot de Mariasymbolen

Tot in details als de bloemmotieven toe werkt de symboliek door. De associatie van bloemen, hiernamaals en verrijzenis is al zo oud als de prehistorie. De rol van de bloemen in de grafcultus wordt op prachtige wijze door Cuypers verwoord, wanneer hij zijn zoon Joseph na een bezoek aan het graf van Nenny schrijft: ‘Wat is verwonderlijk hoe fraai de bloemen blijven op Moeders graf. Er zijn rozenknoppen die voortdurend ontluiken. Het groen is zoo frisch of ‘t slechts eenige uren aan de stam onttrokken is -‘. Dit thema lijkt vertaald te zijn in de stenen rozen aan de baldakijnen die in een eeuwigdurend ontluiken zijn verstild.

Met de restauratie van het monumenten zijn de graven geschud en de beenderen verzameld. Rustend tussen zijn beide vrouwen is Cuypers op 2 november 2006 opnieuw ten grave gelegd in de crypte die hij voor zijn familie had bestemd. Dona eis requiem sempiternam.

Mozaïek van Cuypers: de vloer van het koor van de Munsterkerk.
Mozaïek van Cuypers de vloer van het koor van de Munsterkerk met het Benedicite.

Delen is ons motto, dus iedereen mag gebruik maken van de gegevens die hier staan, maar wel binnen de termen van de Creative Commons licentie.4

Over delen gesproken, je kunt ons en andere onderzoekers helpen door deze pagina te delen via de knop delen onderaan de pagina

;-) B(&M)

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Verwijzingen &

  1. Deze en andere foto’s in dit item zijn ontleend aan het onderzoek over het grafmonument, waravan de volledige titel luidt: Bernadette van Hellenberg Hubar en Don Rackham. Het familiegraf van Pierre J.H. Cuypers. Cultuurhistorische analyse met waardenstelling. 1ste dr. Ohé en Laak/Horn: Res nova-VanHH.org, 2005. http://bit.ly/2jT4LM3-Cuyperiana. Onder deze laatste link kan het onderzoek ingekeken en gedownload worden.
  2. Het onderzoek is uitgevoerd in nauwe samenwerking met drs Don Rackham van Res nova Monumenten die een groot deel van de tekst van de publicatie voor zijn rekening nam.
  3. Terugblikkend op dit project, anno 2019, was niet alleen de restauratie op zich een heel avontuur: het bleek ook een hele uitdaging om uit de specialistische tekst van het rapport een eenvoudige leesbare brochure te destilleren. Hier mag niet onvermeld blijven dat onze co-onderzoeker, Don Rackham, de collegiale toets verrichtte en drs Roland Bruynesteyn MBA ons hielp met het verder vereenvoudigen van de tekst en de redactie op zich nam. Bij dit project voerde de laatste ook de fondsenwerving uit namens het bestuur van de restauratiestichting.
  4. Voor deze site hanteren we de Creative Commons licentie, gespecificeerd onder deze link: http://bit.ly/Copyright-CC-BY-NC-SA-4-0. Dus geen commercieel gebruik en absoluut naamsvermelding, zoals geldt voor al onze teksten en foto’s op onze sites. Hiertoe rekenen we ook onze pagina’s op Facebook en Blogger. Voor de goede orde, alles wat ten dienste komt van kennisverspreiding, beheer en behoud van erfgoed zonderen we uit van commercieel gebruik.

De verkorte link van deze webpagina is http://bit.ly/1PHUGJ4.

← Terug naar de hoofdpagina van de Joseph Cuypers Collectie

← Terug naar de hoofdpagina van Cuypers assortiment