Bibliografie ‘De genade van de steiger’

Leestijd circa 48 minuten

Bibliografie Genade van de Steiger — Overzicht van de literatuur en archivalia, waarnaar onder meer verwezen wordt in de fragmenten uit het boek die we op deze site hebben geplaatst. Ga eens ‘n kijkje nemen!

Lijst van afkortingen

  • GAR = Gemeentearchief Roermond.
  • NAH = Noord-Hollands Archief
  • RKD = Rijksbureau voor kunsthistorische documentatie *
  • RCE = Rijksdienst voor het cultureel erfgoed
  • DBNL =Digitale bibliotheek voor de Nederlandse letteren *
  • BWN = Biografisch woordenboek van Nederland *

Geraadpleegde archieven

  • GAR , archief 4118, Parochie van de H. Dionysius te Asselt
  • NAH, ingangsnummer 90, Rijksakademie van Beeldende Kunsten te Amsterdam, 1870-1997

Bibliografie

Titels met een * zijn in een digitale format te vinden op internet.

  1. Akker, Paul van den, Looking for lines, Theories on the essence of art and the problem of Mannerism, Amsterdam 2010. *
  2. Alma, Peter, ‘Herleving van de wandschilderkunst’, in: Prisma der kunsten 2 (1937), pp. 49-51.
  3. Anoniem, ‘Bij het werk van professor Roland Holst’, in: Opgang 10 (1930), p. 562.
  4. Anoniem, ‘Bij schilderingen van Charles Eyck’, in: Mededeelingen Orgaan van de vakgroepen “Bouwkunst” en “Beeldende Kunsten” der Algem. R.K. Kunstenaarsvereeniging 7 (1929), p. 251-252.
  5. Anoniem, ‘Tentoonstelling van religieuze kunst’, Opgang 1 (1921), p. 998.
  6. Anoniem, Lou Asperslagh versiert een kerk te Turnhout’, in: Mededeelingen Orgaan van de vakgroepen “Bouwkunst” en “Beeldende Kunsten” der Algem. R.K. Kunstenaarsvereeniging 7 (1929), p. 250.
  7. Apelles, ‘Een halte op de weg van opdrachtgever tot kunstenaar (rubriek: Religieuse kunst van dezen tijd, onder verantwoordelijke redactie van Clemens Meuleman)’, in: Opgang 12 (1932), pp. 555-558.
  8. Arondéus, Willem, Figuren en problemen der monumentale schilderkunst in Nederland, Amsterdam 1941.
  9. Ars sacra, Verzameling van de belangrijkste werken van gewijde kunst in de laatste tien jaren ten behoeve van den Katholieken Eeredienst tot stand gekomen, Amsterdam z.j. (1929).
  10. Audoin, B., Benadering van theosofie, Amsterdam, 1990. *
  11. Aurier, G.-Albert, ‘Le Symbolisme en peinture’. In : Mercure de France, maart 1891, pp. 155-165. *
  12. Bach, F.H., ‘Toelichting bij zes foto’s van zeven wandvlakken, schilderingen in Keimsche verven, in een dorpskerk door den ontwerper-uitvoerder’, in: Gildeboek 18 (1935), pp. 15-19.
  13. Balen, van, K., e.a., Kalkboek. Het gebruik van kalk als bindmiddel voor metsel- en voegmortels in het verleden en heden, Rijksdienst voor de Monumentenzorg Zeist 2003.
  14. Ballantyne, Ann, ‘The removal of wax preservative from English wall paintings’, in: Conservation to-day (Papers presented at the United Kingdom Institute of Conservation, 30th Anniversary Conference), London 1988, pp. 135-141.
  15. Bank, Jan en Maarten van Buuren, 1900. Hoogtij van burgerlijke cultuur, Den Haag 2000. *
  16. Bartels, P.H. en J.A.P. Meere (bew.), Handboek voor schilders, 1947.
  17. Baudouin, Paul Albert, La fresque: sa technique, ses applications, Parijs 1914.
  18. Bax, Martie, Carel Blotkamp, Marjan Groot en Lieske Tibbe, Symbolisme in Nederland 1890-1935. In het diepst van mijn gedachten… , Zwolle 2004.
  19. Beijk, Joh. W.B., De nieuwe Sint Bavo te Haarlem, Haarlem 1948.
  20. Bekkers, Th. M.PO. en C.N.J. Meijzing, De Kathedraal van Haarlem, z.pl., 1923.
  21. Bergen o.p., Raymond van, ‘Glasschilderkunst’, in: Ars sacra, pp. 67-71.
  22. Berlage, H.P., ‘Over architectuur’, in: Tweemaandelijksch tijdschrift voor letteren, kunst, wetenschap en politiek, deel 1 (1895), pp. 417-427, deel 2 (1896), pp. 202-235.
  23. Bisanz-Prakken, M., Toorop / Klimt. Toorop in Wenen: Inspiratie voor Klimt, Den Haag en Zwolle 2006-2007.
  24. Blaauw, Sible de, Bouwen naar boven. De Sint Odulphuskerk van Bakhuizen 1857 – 1914 – 1989, Leeuwarden 1989.
  25. Blavatsky, H.P. De geheime leer. De synthese van wetenschap, religie en filosofie, Londen 1888. *
  26. Blotkamp, C., en Y. Koopmans, red., Magie en Zakelijkheid – realistische schilderkunst in Nederland 1925-1945, Zwolle/Arnhem 1999.
  27. Blotkamp, Carel, e.a. Kunstenaren der idee. Symbolistische tendenzen in Nederland ca. 1880-1930, Den Haag 1978, Tent cat. Haags Gemeentemuseum Den Haag.
  28. Bois, M. de, red., Chris Lebeau 1878-1945, Assen 1987, Tent. cat. Drents Museum Assen.
  29. Bomans, G., ‘Het is bepaald niet zo’, in: De Volkskrant 21 december 1963.
  30. Boogaart-Boerdijk, R. van den, De geschiedenis van de Jan van Eyck Academie te Maastricht (typoscript), Venray 1972.
  31. Boom, A. van der, ‘Monumentale kunst en kunstenaarschap in hun betrekking tot het leven’, in: Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 45 (1935 juli-december), pp. 99-104. *
  32. Boot, Caroline en Marie Hélène Cornips, ‘Inleiding’, in: Blotkamp, Kunstenaren der idee, pp. 9-18. *
  33. Borgman, E., ‘Heilig vuur of heilige as? Het religieuze als hart van de hedendaagse kunst’. Voor: Symposium Goddelijke kunst. Over het transcendente in de kunst, Soeterbeeck Programma KU Nijmegen 2009. *
  34. Bot, P., Vademecum historisch bouwmaterialen, installaties en infrastructuur, Nederlands Openluchtmuseum, Arnhem 2009.
  35. Bouvy, D.P.R.A., ‘De kunstwerken in de K.R.O. studio te Hilversum’, in: Gildeboek 21 (1938), pp. 181-185.
  36. Bouwens, Regine, De St. Lambertuskerk te Maastricht, Stageverslag, Maastricht 1991.
  37. Bouwstra, Cor, Jacqueline Heijenbrok, Ben Olde Meierink en, Katrien Timmers en Guido Steenmeijer (red.), Wat een weelde, Tien eeuwen kasteel de HaarKasteel de Haar, Zwolle 2013.
  38. Boyens, José, ‘Apocalypse van Frits van der Meer’, in: Ons Erfdeel 22 (1979), pp. 435-437. *
  39. Brandt, Paul, Sehen und Erkennen, Eine Anleitung zu Vergleichender Kunstbetrachtung, Stuttgart 1921. *
  40. Bremer, Rob en Wil Werkhoven, Conservering en restauratie van de beschildering van J. Dunselman en K. Dunselman en de in de beschildering geïntegreerde decoratieve decoratie en/of teksten in de St. Agathakerk te Lisse, Amsterdam-IJmuiden 1991 (voorstel met onderleggers onder meer ontleend aan de restauratie van de Nicolaaskerk).
  41. Bremer, Rob en Wil Werkhoven, De twee gezichten van Agatha, Restauratieverslag beschilderingen in de Agathakerk te Lisse, De beschilderingen van Kees en Jan Dunselman, IJmuiden 2001 (3 delen).
  42. Broeke, Leonardus van den, ‘Jan Dunselman †’, in: Van Bouwen en Sieren 2 (1931), pp. 17-19.
  43. Broekhuis, Madelon, ‘Derkinderen, Antonius Johannes (1859-1925)’, in Biografisch Woordenboek van Nederland. *
  44. Brom, G., J.A. Alberdingk Thijm, Utrecht/Antwerpen 1961.
  45. Brom, Gerard, Herleving van de kerkelike kunst in katholiek Nederland, Leiden, 1933.
  46. Burkom, Frans van, ‘Johan Thorn Prikker’, in: Hoogveld, Glas in lood, p. 338-340.
  47. Burkom, Frans van, en Ytteke Spoelstra, Monumentale Wandkunst. Categoriaal onderzoek wederopbouw 1940-1965, ICN, Amsterdam 2008. *
  48. Cayman, H., ‘De kunst van Dom Gregorius De Wit O. S. B.’, in: Gildeboek 6 (1923), pp. 41-48.
  49. Cennino d’Andrea Cennini, The Crafsman’s Handbook: ‘Il libro dell’Arte’, Translated by Daniel V. Tompson Jr., New York, Dover publications 1960.
  50. Collette, Joan, ‘Beeldende kunsten en kunstnijverheid’, in: Van Bouwen en Sieren 3 (1932), pp. 21-32.
  51. Collette, Joan, ‘Bij reproducties van mijn schilderingen te Dongen, in: Opgang 3 (1923), pp. 572-575.
  52. Collette, Joan, ‘Iets over schilderkunst in onze kerken’, in: Ars Sacra (1929)*, pp. 104-133.
  53. Cuypers, Jos. en Jan Stuyt (Constructie) en Xav. Smits (Symboliek), De nieuwe St. Jacob te ’s-Hertogenbosch, ’s-Hertogenbosch 1907.
  54. Cuypers, Joseph (toeschrijving), Gedenkschrift bij de Onthulling van het Gedenkteken voor Dr. P.J.H. Cuypers nabij de Munsterkerk te Roermond op den 103den verjaardag zijner geboorte aangeboden door de NV Kunstwerkplaatsen Cuypers & Co 16 Mei 1930. Roermond z.j. (1930).
  55. Cuypers, Joseph, ‘Het gebrandschilderd glas onzer kerken, in: Gildeboek 2 (1919), pp. 194-201.
  56. Cuypers, Joseph, Decoratieve schildering in de St. Laurentiuskerk te Dongen, door Joan Collette en de Kunstwerkplaatsen Cuypers & Co, in: Gildeboek 5 (1923), pp. 54-62.
  57. Cuypers, Pierre (junior) en Joan Collette, ‘Kerkelijke opdrachten aan niet-kerkelijke kunstenaars’, in: Medeedelingen, orgaan van de vakgroep bouwkunst der alg. R.K. Kunsternaarsvereeniging 3 (1925), p. 39-41.
  58. Cuypers, Pierre (junior), ‘Beschildering van het koor te Dongen door Joan Collette’, in: Opgang 3 (1923), pp. 572-575.
  59. Dael, Peter van, ‘De monumentalen’, in: Hoogveld, Glas in Lood, pp. 108-142.
  60. Dael, Peter van, ‘De ramen in de Obrechtkerk. Twee stijlen in één kerk’, in: Dijker e.a., Obrechtkerk 2009, pp. 33-39.
  61. Dael, Peter van, Suzanne de Haan-Meuleman en Guus van den Hout, Schoonheid in devotie. Katholieke avant-garde in de religieuze kunst en de strijd tegen de wansmaak, Amsterdam 1996, Tent. cat. Museum Amstelkring Amsterdam.
  62. Dael. P. van, De Papegaai, R.K. kerk van de Heilige Petrus en Paulus, Amsterdam 2007.
  63. Derkinderen, A.J., ‘Kunst- en ambachtsonderwijs. II’, in: De Gids 69 (1905), pp. 509-541. *
  64. Derkinderen, A.J., ‘Kunst- en ambachtsonderwijs’, in: De Gids 66 (1902), pp. 383-415. *
  65. Derkinderen, A.J., ‘Over de geschiedenis der Academie van Beeldende Kunsten te Amsterdam en hare beteekenis voor onzen tijd.’ In: De XXe Eeuw, 1908, pp. 9-47.
  66. Dickhaut, Monique, en Marjet Beks, Hedendaagsche Limburgsche Kunst (Haags gemeentemuseum 1937); retrospectie en reconstructie, Maastricht 1999, Tent. cat. Museum aan het Vrijthof Maastricht.
  67. Dickhaut, Monique, Henri Jonas (1878-1944), zijn muzen en demonen, Maastricht 2007, Tent. cat. Museum aan het Vrijthof Maastricht.
  68. Diepenbrock, ed., Thea, Alphons Diepenbrock, Verzamelde geschriften, Utrecht/Brussel 1950. *.
  69. Dijcker, Margriet, Henk van Os, Manfred Evers, Coert Peter Krabbe en Peter van Dael, De Obrechtkerk in Amsterdam, Onze Lieve Vrouwe van de Allerheiligste Rozenkrans, Amsterdam 2009.
  70. Dijk, Annette van, ‘Welk een ketter is die vrouw geweest!’ De plaats van Albert Verwey in de Hadewijchreceptie, Hilversum 2009.
  71. Ditmarsch, J.N. van, Dit huis geheiligd en versierd. Beschrijving van de Oud-katholieke kathedrale kerk van Ste Gertrudis te Utrecht, Utrecht, z.j. (na 1988).
  72. Doesburg, Theo van, ‘Aanteekeningen bij twee teekeningen van Piet Mondriaan’, in: De Stijl 1 (1918), pp. 108-111. *
  73. Doesburg, Theo van, ‘Élémentarisme (les éléments de la nouvelle peinture)’, in: De Stijl (dernier numéro) (1932), pp. 641-642. *
  74. Doesburg, Theo van, ‘Elementarisme’, in: De Stijl (dernier numéro) (1932), pp. 15-16. *
  75. Doesburg, Theo van, ‘Elementarisme’, in: De Stijl 1932, p. 640. *
  76. Doesburg, Theo van, Klassiek-Barok-Modern, Antwerpen-Amsterdam 1920. *
  77. Doesburg, Theo van, ‘Schilderkunst en plastiek. Over contra-compositie en contra-plastiek. Elementarisme (Manifest-fragment)’, in: De Stijl 7 (1926), pp. 35-43. *
  78. Donkers, Geert, ‘De Katholieke Kunstkring De Violier, 1901-1920’, in: Trajecta 10 (2001), pp. 112-135. *
  79. Dorp, A.M.I. van, 100 jaar Caeciliakerk, Een geschiedenis van de parochie St. Caecilia te Enschot (1898-1998), Berkel-Enschot 1999.
  80. Douwes, W.F., ‘Lodewijk Schelfhout’, in: Opgang 10 (1930), pp. 146-152.
  81. Driedonkx s.c.j., G., Het H. Hartklooster van de priesters van het Heilig Hart te Asten als noviciaatshuis en als kloosterbejaardenoord. 1908-2008, Nijmegen 2008. *
  82. Dukers, B.A.J.T. en R.H.M. Denessen, Bouwhistorische verkenning St. Lambertuskerk, Maastricht, Buro4, Roermond 2006.
  83. E. W. K., ‘Religieuze kunst in het kunstnijverheidshuys’, Opgang 2 (1922), pp. 386-395.
  84. Eeckhout, van den, ‘Het Asseltsch kerkje in het Limburgsch Landschap’, in: Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 40 (1930 januari-juli), pp. 236-243; afbeelding LIII-LVI. *
  85. Eerenbeemt, Herman van den, ‘Jan Grégoire’, in: Opgang 2 (1922), pp. 522-526.
  86. Eliëns, Titus, ‘De Limburgse glasschilderkunst tijdens het Interbellum’, in: Hoogveld, Glas in Lood, pp. 142-162.
  87. Emmens, J., Rembrandt en de regels van de kunst. Amsterdam 1979 (1e dr. 1964, proefschrift RU Utrecht).
  88. Engelman, Jan , ‘Beeldende Kunst “Dr, P.J. Cuypers”’, in: De Gemeenschap 3 (1927), p. 198.
  89. Engelman, Jan , ‘Beeldende Kunst “Het Domraam van Holst”’, in: De Gemeenschap 3 (1927), pp. 197-198.
  90. Engelman, Jan e.a. , ‘Verantwoording’, in: De Gemeenschap 1 (1925), pp. 1-6.
  91. Engelman, Jan, ‘Beelden kunst, Herman Kruider’, in: De Gemeenschap 11 (1935), pp. 55-57.
  92. Engelman, Jan, ‘Boekbespreking, Nederlandsche ambachts- en nijverheidskunst (1923-1924)’, in: De Gemeenschap 1 (1925), pp. 302-304.
  93. Engelman, Jan, ‘De kunst op straat’, in: De Gemeenschap 13 (1937), p. 425-429.
  94. Engelman, Jan, ‘De muurschildering in de kapel te Zeist’, in: Het Gildeboek 16 (1933) maart, pp. 21-30.
  95. Engelman, Jan, ‘De nieuwe religieuze beeldende kunst’, in: J. Waterink, e.a., Cultuurgeschiedenis van het Christendom, deel V, Amsterdam 1951, pp. 65-79.
  96. Engelman, Jan, ‘De proporties’, in: De Gemeenschap 2 (1926), pp. 27-28
  97. Engelman, Jan, ‘Edvard Munch’, in: De Gemeenschap 13 (1937), pp. 337-340.
  98. Engelman, Jan, ‘Frère François Mes O.S.B., in: De Gemeenschap 14 (1938), pp. 209-220.
  99. Engelman, Jan, ‘Gedachtelooze kunst’, in: De Gemeenschap 1 (1925), pp. 146-147.
  100. Engelman, Jan, ‘Henk Wiegersma’, in: De Gemeenschap 2 (1926), pp. 325-328.
  101. Engelman, Jan, ‘Het brave gilde’, in: De Gemeenschap 1 (1925), pp. 103-104.
  102. Engelman, Jan, ‘Inleiding’, in: C. Meuleman, Hedendaagsche religieuse kunst, Amsterdam 1936, pp. 7-16.
  103. Engelman, Jan, ‘Interieurs van Sybold van Ravesteyn’, in: De Gemeenschap 5 (1929), pp. 218-224.
  104. Engelman, Jan, ‘Jozef Cantré’, in: De Gemeenschap 2 (1926), pp. 224-230.
  105. Engelman, Jan, ‘Kroniek Beeldende Kunst Lovis Corinth’, in: De Gemeenschap 2 (1926), pp. 330-331.
  106. Engelman, Jan, ‘Marc Chagall’, in: De Gemeenschap 2 (1926), pp. 310-311.
  107. Engelman, Jan, ‘Monumentale Kunst’, in: De Gemeenschap 11 (1935), pp. 114-123.
  108. Engelman, Jan, ‘Natuur, waarheid en Henri Jonas’, in: Gildeboek 14 (1931), p. 1-10.
  109. Engelman, Jan, ‘Nieuwe Nederlandsche Schilderkunst I’, in: De Gemeenschap 1 (1925), pp. 264-266.
  110. Engelman, Jan, ‘Nieuwe Nederlandsche Schilderkunst III. Henk Wiegersma’, in: De Gemeenschap 1 (1925), pp. 349-353.
  111. Engelman, Jan, ‘Over Maastricht en over Jonas’, in: De Gemeenschap 2 (1927), pp. 196-199.
  112. Engelman, Jan, ‘Plasschaert en Wiegersma’, in: De Gemeenschap 10 (1934), pp. 176-181.
  113. Engelman, Jan, ‘Schilderkunst’, in: De Gemeenschap 6 (1929), pp. 172-174.
  114. Engelman, Jan, ‘Toorop-tentoonstelling’, in: De Tijd d.d. 28 juli 1941 (op KB krantenbank niet aangetroffen).
  115. Engelman, Jan, en Willem Maas, ‘Gedachten over architectuur VI’, in: De Gemeenschap 1 (1925), pp. 239-242.
  116. Engelman, Jan., ‘Hagel’, in: De Gemeenschap 10 (1934), p. 334.
  117. Erftemeijer, Anton, Arjen Looyenga en Marieke van Roon, Getooid als een bruid, De nieuwe Sint-Bavokathedraal te Haarlem, Haarlem 1997.
  118. Faassen, E. en S. van, L. Grijns, I. Lesparre en J. De Raad, Otto van Rees, Zwolle 2005.
  119. Feikema, Liesbeth, Roman Koot en Edwin Lucas (red.), Op gezang en vlees belust. Over leven, werk en stad van Jan Engelman, Utrecht 2000.
  120. Firet, D., J. Oosterbaan en H. Dompeling, (Beschrijving van de gebrandschilderde ramen van) De Sint Willibrorduskapel te Heiloo (van GGZ Noord-Holland-Noord), Heiloo z.j.
  121. Flaton, Peter, Een gemeenschap van heiligen, De schilderingen in de Juvenaatskapel van de Broeders van Maastricht, Maastricht 2002.
  122. Freijser, Victor, ‘De kunsttijdschriften en de receptie van de moderne kunst 1945-1951’, in: Stokvis, De doorbraak van de moderne kunst, pp. 173-191.
  123. Friedrichs, Angelique, De kleurige afwerking van het interieur van de St. Lambertuskerk te Maastricht, SRAL, Maastricht 2007.
  124. Gallegos, Matthew, ‘Charles Borromeo and Catholic Tradition’, in: The sacred art journal 9 (2004), z. pag. *
  125. Gans, L., Nieuwe Kunst, de Nederlandse bijdrage tot de Art Nouveau, dekoratieve kunst, kunstnijverheid en architectuur rond 1900, proefschrift RU Utrecht 1960.
  126. Gardeniers, Jean, e.a., Groenlo, een eeuw RK Calixtus, Groenlo 2008.
  127. Gasten, Andrea, ‘Pseudo-mathematica en beeldende kunst’, in: Blotkamp, Kunstenaren der idee, pp. 59-66.
  128. Gelder, J.G. van, ‘Tentoonstelling Goudsche glazen, St. Janskerk, Gouda’, in: Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 48 (deel 95, 1938 januari-juli), pp. 131-134. *
  129. Gervasius o.m. Cap., P(ater), ‘Albert Verschuuren’, In: Gildeboek 5 (1923), pp. 222-232.
  130. Gillaerts, Paul, red., Talita Koem, Genres in bijbels en vertaling, Leuven 2002. *
  131. Ginkel-Meester, S.G. van, Bouwhistorische opname gebouwencomplex Heilig Land Stichting, Profetenlaan 2, Heilig Landstichting, Groesbeek, 2 delen, BBA Utrecht 2011.
  132. Gombrich, E.H., Kunst en illusie, de psychologie van het beeldende weergeven, Houten 1988 (1ste dr. 1959).
  133. Gombrich, E.H., Norm and Form, Studies in the Art of the Renaissance, London & New York 1971 (1ste dr. 1966).
  134. Goossens, Th., ‘Een Roomsche Academie’, in: Gildeboek 7 (1924), pp. 68-69.
  135. Gouwe, W.F., red., Glas in lood, De Toegepaste kunsten in Nederland, Rotterdam 1932.
  136. Graaf, A. de, ‘Levensbericht van Antonius Johannes der Kinderen’, in: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1926, pp. 34-51. *
  137. Groot, Marjan, Vrouwen in de vormgeving in Nederland: 1880-1940, Rotterdam 2007.
  138. Guichard, E, Harmonie des Couleurs, Parijs (1867).
  139. H.H.J. Kurvers, ‘Conservering en restauratie van de wand- en gewelfschilderingen in de kerk van St. Gerlachus te Houthem’, in: Bulletin KNOB 76 (1977), pp. 89-114.
  140. H.J.M., ‘kerkschilderingen door Herman Walstra’, in: Opgang 4 (1924), pp. 632-633.
  141. Häger, Peter, Zwischen Aufbruch und Beständigkeit. Leben und Wirken des Zweiten Beuroner Erzabtes Placidus Wolter (1828 – 1908), Berlin-Münster 2008.
  142. Haimon, Paul, ‘Limburgers voor de lens III, Jean Adams vijf en twintig jaar priester, Priester en kunstenaar’, in: Limburgsch Dagblad 17 maart 1948. *
  143. Hammacher, A.M., ‘Symbolisme en abstractie (1951) — Nawoord (1978)’, in: Blotkamp, Kunstenaren der idee, pp. 19-20.
  144. Hammacher, A.M., De levenstijd van Antoon Der Kinderen, Amsterdam 1932.
  145. Hana, Herman, ‘Eenige Werken van Joep Nicolas’, in: Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 35 (1925), pp. 316-323; afb. LVII-LXX. *
  146. Handleiding selectie en registratie jongere stedebouw en bouwkunst (1850-1940), Rijksdienst voor de Monumentenzorg Zeist, oktober 1991.
  147. Harzing, Wim, ‘St. Liduina en voorstellingen van Heiligen in het algemeen’, in: Van Bouwen en Sieren 4 (1933), pp. 88-92.
  148. Haterd, L.A.G.J. (Lex) van de, De waarheid hooger dan de leus. Over de beeldvorming rondom tijdschrift en uitgeverij De Gemeenschap 1925-1941 (proefschrift UvA), Amsterdam 2008. *
  149. Hefting, Victorine, Jan Toorop : Een kennismaking, Amsterdam 1989.
  150. Hendricks, J.H., De Sint-Hubertuskerk te Beek-Genhout en de Sint-Gerarduskerk te Heerlen van architect A. J. N. Boosten’’, in: Gildeboek 21 (1938), pp. 93-100.
  151. Hest, Joost van, ‘De kapel van het Missiehuis van de Rooi Harten, Een ontwerp van de Tilburgse architect A.G. de Beer’, in: Tilburg, Uitgave Stichting tot Behoud van Tilburgs Cultuurgoed 28 (2010) pp. 43-54.
  152. Heukelum, G.W. en H.J.A.M. Schaepman, De St. Nicolaaskerk van Jutfaas, Utrecht 1906.
  153. Hoekstra, Roel, ‘Iconografische aspecten van het werk van Antoon Derkinderen’, in: Trappeniers, Derkinderen, pp. 37-49.
  154. Hoff, Aug., ‘De religieuse kunst van Thorn Prikker’, in: Gildeboek 1924, pp. 119-130.
  155. Hogervorst, Annemieke, Carine Hoogveld en Pauline Houwink, ‘De Agneskerk te Amsterdam, Een monument uit de jaren dertig’ In: De Sluitsteen, Bulletin van het Cuypersgenootschap, 2 (1986), pp. 121-151.
  156. Hond, Jan de, Verlangen naar het oosten, Oriëntalisme in de Nederlandse cultuur, ca. 1800-1920, Leiden 2008.
  157. Honderd jaar religieuze kunst in Nederland, 1853-1953, z.pl., z.j. (Utrecht, 1953), Tent. cat. Aartsbisschoppelijk Museum/ Museum van Nieuwe Religieuze Kunst Utrecht.
  158. Hoogveld, Carine, Ellinoor Bergvelt en Frans van Burkom, Glas in Lood in Nederland, 1817-1968, Den Haag 1989.
  159. Hoorn, G. van, ‘Levensbericht van Prof. Jhr. Dr. J. Six. 1857-1926’, in: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1927, pp. 129-144. *
  160. Hout, Guus van den, e.a. ‘Een ‘kathedraal’ aan het IJ: de restauratie van de Sint Nicolaaskerk voltooid’, in: Bulletin Stichting Vrienden van Museum Amstelkring ‘Ons’ Lieve Heer op Solder’, Amsterdam 1999, Tent. cat. Museum Amstelkring Amsterdam.
  161. Hubar, Bernadette van Hellenberg, ‘”Eene voorstelling van de eenheid uit het vele”’, in: Bulletin KNOB 83 (1984), pp. 119-143.
  162. Hubar, Bernadette van Hellenberg, ‘”Eerdienst en kunst op het naauwst vereenigd”, de katholieke esthetica van C. Broere en J.A. Alberdingk Thijm voltooid in het Rijksmuseum te Amsterdam’, in: Esthetica tussen Klassiek en Romantiek, themanummer van ‘Geschiedenis van de Wijsbegeerte in Nederland’, Rotterdam 1992, pp. 151-176.
  163. Hubar, Bernadette van Hellenberg, ‘De muziek van het licht’, Cuypers’ polychromie, Ohé en Laak 2007. *
  164. Hubar, Bernadette van Hellenberg, ‘Deelhebben aan de kunst. J.A. Alberdingk Thijm als romanticus’, in: Geurts, P.A.M., red., J.A. Alberdingk Thijm, erflater van de negentiende eeuw, Baarn 1992, pp. 125-143.
  165. Hubar, Bernadette van Hellenberg, ‘Een eclectische geest’, Momentopname van het onderzoek ‘Monumentale kerkelijke schilderkunst in het Interbellum’, Ohé en Laak 2011.
  166. Hubar, Bernadette van Hellenberg, ‘Limburgs verleden in het Rijksmuseum te Amsterdam’, in: De Maasgouw 102 (1983), pp. 58-80.
  167. Hubar, Bernadette van Hellenberg, ‘Retort in het borgingsproces, De erfgoedSWOT© en de Wederopbouwkernkwaliteiten in de AMvB Ruimte’, in: Vitruvius, onafhankelijk vakblad voor erfgoedprofessionals 4, nummer 13 (2010), pp. 16-21 en 5, nummer 14 (2011), pp.18-25.
  168. Hubar, Bernadette van Hellenberg, Arbeid en Bezieling; de esthetica van P.J.H. Cuypers, J.A. Alberdingk Thijm en V.E.L. de Stuers, en de voorgevel van het Rijksmuseum, Nijmegen 1997.
  169. Hubar, Bernadette van Hellenberg, en Wies van Leeuwen, ‘Luctor et emergo: een voorzet voor het post-MIP aan de hand van twee bedreigde hoogtepunten uit het oeuvre van rijksbouwmeester Gijsbert Friedhoff’, Bulletin KNOB 95 (1996), pp. 24-30.
  170. Hubar, Bernadette van Hellenberg, Rien de pareil, Cultuur- en bouwhistorische analyse Stedelijk museum ‘Het huis van Cuypers’ te Roermond, deel 1 de stad in het klein, Ohé en Laak 2007. *
  171. Hubar, Bernadette van Hellenberg, Rien de pareil, Cultuur- en bouwhistorische analyse
    Stedelijk museum ‘Het huis van Cuypers’ te Roermond, deel 2 Icoon van de natie, Ohé en Laak 2007. *
  172. Hubar, Bernadette van Hellenberg, Wim Beelen en Coen Eggen, Een monument van industrie & handel Complex Cillekens-Dreessens te Roermond, Cultuurhistorische analyse met waardestelling, Roermond 1997. *
  173. Huebner, F.M., ‘Johan Thorn Prikker’, Opgang 2 (1922), pp. 507-512.
  174. Huebner, F.M., ‘Lodewijk Schelfhout’, Opgang 1 (1921), pp. 497-802; 818-825.
  175. Huizinga, J., ‘R. N. Roland Holst 4 December 1868—31 December 1938, Rede uitgesproken bij de crematie te Westerveld op 4 Januari 1939’, in: Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 49 (1939), pp. 73-75. *
  176. Huizinga, J., Herfsttij der middeleeuwen, Haarlem 1957 (1ste dr. 1919). *
  177. Hulsman, J., ‘Ramen van Lou Asperslagh in de Duinoord-kerk te ’s-Gravenhage’, in: Opgang 7 (1927), pp. 114-118.
  178. Jacobsen, R., ‘De wandschilderingen in het nieuwe gebouw van het Erasmiaansch Gymnasium’, in: Rotterdamsch Jaarboekje 1937, Rotterdam 1938, pp. 139-146. *
  179. Jaffé, H.L.C., ‘1933-1945. Duitse kunstenaars ontvluchten het nazi-regime en vestigen zich in Amsterdam. ‘Ontaarde kunst’ in Nederland’, in: Buikema, Rosemarie en Maaike Meijer (red.), Cultuur en migratie in Nederland. Kunsten in beweging 1900-1980, Den Haag 2003, pp. 193-205. *
  180. Janssen, Miek, ‘Herinneringen aan Toorop X’, in: Opgang 12 (1932), pp. 364-367.
  181. Janssen, Miek, ‘Herinneringen aan Toorop XIII’, in: Opgang 12 (1932), pp. 413-414.
  182. Jongert, Pieter, ‘Tentoonstellingen georganiseerd naar aanleiding van de bevrijding’, in: Stokvis, De doorbraak van de moderne kunst, pp. 37-46.
  183. Jongert, Pieter, ‘Wandschilderkunst 1945-1952’, in: Stokvis, De doorbraak van de moderne kunst, pp. 155-166.
  184. Jongh, E. de, e.a., Tot lering en vermaak. Betekenissen van Hollandse genrevoorstellingen uit de zeventiende eeuw, Amsterdam 1976, Tent. cat. Rijksmuseum Amsterdam 1976. *
  185. K., ‘Nieuwe kunst’, in: Opgang 1 (1921), pp. 152-153.
  186. Kalf, J. en P.J.H. Cuypers, De katholieke kerken in Nederland, dat is de tegenwoordige staat dier kerken met hunne meubeling en versiering beschreven en afgebeeld, Amsterdam 1916.
  187. Kalf, J., ‘Derkinderen’s ontwerpen voor de ontvangstzaal ter Koopmansbeurs te Amsterdam’, in: Van Onzen Tijd (1905-1906), pp. 250-259.
  188. Kalf, J., Iconografie der R.K. parochie-kerk St. Anna te Breda, Haarlem 1905.
  189. Kalff, G., Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde, deel 7, Groningen 1912.
  190. Kalmthout, Ton van, Muzentempels: multidisciplinaire kunstkringen in Nederland tussen 1880 en 1914, Hilversum 1998.
  191. Kandinsky, W., ‘Rückblicke’, in: Kandinsky 1901-1913, Berlijn 1913, pagina XV.
  192. Keijzer, M. de, en P. Keune, Pigmenten en bindmiddelen, NRC tweede uitgebreide druk, 2005.
  193. Kerkhof Carm., Johannes a Cruce, ‘De Tentoonstelling van het Genootschap van R.K. Kunstenaars te ’s-Gravenhage’, in: Opgang 2 (1922), pp. 329-336.
  194. Kerkhof Carm., Johannes a Cruce, ‘Jan Toorop’, in: Opgang 2 (1922), pp. 610-620.
  195. Kinseher, K., ‘Ernst Berger and the late 19th-century Munich controversy over painting materials’ (The Artist’s Process: Technology and Interpretations, Sept 2010), in: Archetype Londen, maart 2012, pp. 158-166.
  196. Kinseher, K., ‘Farbe als Material, Die Ausstellung für Maltechnik 1893 im Münchner Glaspalast’, Restauro jaargang 27 (2008), pp. 158-166.
  197. Klabbeek, J. van, M. te Marvelde,, ‘Giovanni Antonio de Groot (1664-1712): Een “meester die de naam van kunstenaar nauwelijks verdient”?’, in: Opstand als opdracht, Koninklijk Paleis Amsterdam 2011, pp. 28-35.
  198. Kleijntjens s.j., J., Toon Ninaber van Eyben en zijn werk, Opgang 1 (1921), pp. 999-1005.
  199. Knoepfli. A., e.a., Reclams Handbuch der künstlerischen Techniken, deel 2, Wandmalerei Mosaik, Stuttgart 1990.
  200. Knuttel, G., ‘Wandschilderingen-tentoonstelling in den Haagschen kunstkring’, in: Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 31 (1921), pp. 425-428. *
  201. Koevoets, Ben, Herbert van Rheeden, Alice Boots, Geen dag zonder lijn: honderd jaar tekenonderwijs in Nederland, 1880-1980, Haarlem 1980.
  202. Koot, Roman, ‘Er zijn vele woningen in het huis der muzen. Jan Engelman over beeldende kunst in het Interbellum.’, in: Feikema, Op gezang en vlees belust, pp. 119-142.
  203. Kraaij, Harry J., ‘Jan Toorop. Het Late Symbolisme’, in: Harry J. Kraaij en William Rothuizen, Jan Toorop (1858-1928). Het Late Symbolisme, Jan Toorop Kabinet/Kunsthandel Studio 2000, Amsterdam, 2001.
  204. Krins, Hubert, Beuroner Kunst in der Wiener Secession: 1905 – 2005 (Katalog zur Ausstellung in der Erzabtei Beuron), Beuron 2005.
  205. Krins, Hubert, Die Kunst der Beuroner Schule: ‘wie ein Lichtblick vom Himmel’, Beuron 1998.
  206. Krol, Hans, ‘Antoon Molkenboer (1872-1860)’, op: Librariana, Een weblog gewijd aan bibliotheken, boeken en verzamelen alsmede aan historisch Heemstede en Zuid-Kennemerland. *
  207. Kuyle, Albert, ‘Dorus Hermsen’, in: De Gemeenschap 1 (1925), p. 36.
  208. Kuyle, Albert, ‘Hagel: De artistieke middenstand’, in: De Gemeenschap 6 (1930), pp. 504-507.
  209. Kuyle, Albert, Anton van Duinkerken en A.C. Ramselaar, ‘Kroniek’, in: De Gemeenschap 8 (1932), pp. 717-731.
  210. Lau, M.J., ‘Over fresco-schilderen’, in: Gildeboek 24 (januari 1942), pp. 123-129.
  211. Leblanc, P.M., ‘De Gerlachuskerk te Houthem en haar Monumentale beschilderingen’, in: Bulletin KNOB 76 (1977), pp. 59-88.
  212. Lee, W. Renselaer, ‘Ut Pictura Poesis, The Humanistic Theory of Painting’, in: The Art Bulletin (1940), pp. 197-269. *
  213. Leeuwen, A.J.C. van, De honderd mooiste kerken van Brabant, Zwolle 2012.
  214. Leeuwen, A.J.C. van, De maakbaarheid van het verleden; P.J.H. Cuypers als restauratiearchitect, Zwolle 1995.
  215. Leeuwen, A.J.C. van, en Bernadette van Hellenberg Hubar, ‘De beginselloosheid tot adagium verheven’, De polemische restauratie van de Sint-Servaas te Maastricht, De Sluitsteen 6 (1990), pp. 75-97.
  216. Leeuwen, A.J.C. van, P.J.H. Cuypers architect 1827-1921, Zwolle 2007.
  217. Leeuwen, A.J.C., van ‘Alberdingk Thijm, bouwkunst en symboliek’, in: De Sluitsteen 5 (1989), nr. 1.
  218. Leijnse, Elisabeth, Symbolisme en nieuwe mystiek in Nederland voor 1900: een onderzoek naar de Nederlandse receptie van Maurice Maeterlinck : met de uitgave van een handschrift van Lodewijk van Deyssel, Leuven 1995. *
  219. Lenz, D., Zur Ästhetik der Beuroner Schule, Wenen-Leipzig 1898 (de datum van publicatie wijkt af van de totstandkoming i.c. van het laatste hoofdstuk in 1865). *
  220. Levie, S., e.a., Het vaderlandsch gevoel, Vergeten negentiende-eeuwse schilderijen over onze geschiedenis, Amsterdam 1978, Tent. cat. Rijksmuseum Amsterdam. *
  221. Linse, J., J.B.Th. Hugenholtz en H.P. Berlage (inleiding), Ecce homines Ontleding dezer schilderij en van haar religieuse beteekenis, Gouda z.j. (na 1930).
  222. Linssen, G.C.P., Vorming en onderwijs, schets van vijfenzeventig jaar ontwikkeling van het technisch onderwijs in Roermond en omstreken, Roermond 1983.
  223. Loosen-De Bruin, Marcella, ‘Piet Gerrits, 1876-1957 Kunstenaar en ontwerper’, in: Biografisch Woordenboek Gelderland. Bekende en onbekende mannen en vrouwen uit de Gelderse geschiedenis, Deel 6, Hilversum 2007 pp. 39-43. *
  224. Loosjes-Terpstra, A.B., Moderne kunst in Nederland 1900-1914, Utrecht 1987. *
  225. Looyenga, A.J., ‘“De benarde Kathedraal”: de kerk van Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans aan de Obrechtstraat te Amsterdam, in: Jaarboek Genootschap Amstelodamum 92 (2000), pp. 148-185.
  226. Luykx, Paul, ‘Daar is nog poëzie, nog kleur, nog warmte’. Katholieke bekeerlingen en moderniteit In Nederland, 1880-1960, Hilversum 2007. *
  227. M. jr (Molenaar junior, Nicolaas), ‘De Katholieke kunstenaars dagen te Huybergen 1932’, in: Van Bouwen en Sieren 3 (1932), p. 109.
  228. M.M., (pater Maurits Molenaar m.s.c), De krypt in ‘t kerkje van Asselt, in: Roeping 2 (1923-1924), pp. 6-7.
  229. Margry, J., ‘De St. Liduina-Kerk te Schoten bij Haarlem’, in: Opgang 2 (1922), pp. 513-515.
  230. Maritain, J. , Kunst en scholastiek, Inleiding en vertaling C.A. Terburg O.P., Amsterdam 1924.
  231. Maritain, J., ‘Quelques réflections sur l’art religieux’, in: De Gemeenschap 1 (1925), pp. 10-11; 63-66. *
  232. Marius, G.H., ‘Antoon Derkinderens nieuwste muurschilderingen’, in: De Gids 64 (1900), pp. 541-551. *
  233. Marsman, Henske, B. Til, en Mienke Simon Thomas, Johan Thorn Prikker, De Jugendstil Voorbij, Rotterdam 2010, Tent. cat. Museum Boijmans van Beuningen Rotterdam.
  234. Max Doerner, Malmaterial und seine verwendung im Bilde, Stuttgart 2001.
  235. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Aanteekeningen beeldende kunst’, in: Opgang 8 (1928), p. 59.
  236. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Aanteekeningen: beeldende kunst’, in: Opgang 4 (1924), p. 1200-1201.
  237. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Aanteekeningen: beeldende kunst’, in: Opgang 4 (1924), p. 1086.
  238. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Aanteekeningen: De Onafhankelijken’, in: Opgang 6 (1926), p. 552.
  239. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Aanteekeningen: Matthieu Wiegman’, in: Opgang 7 (1927), p. 119
  240. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Beeldende kunst. Een rondgang door tentoonstellingen’, in: Opgang 6 (1926), p. 216.
  241. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Bij Matthieu Wiegman op den steiger, in: Opgang 7 (1927), p. 598.
  242. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘De wandschilderingen van Matthieu Wiegman in de H. Rozenkranskerk te Amsterdam’, in: Opgang 7 (1927), pp. 650-654.
  243. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Een wandschildering van Jan Gregoire’, in: Opgang 4 (1924), pp. 772-773.
  244. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Jan Grégoire’, in: Opgang 7 (1927), pp. 618-621.
  245. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Joep Nicolas’, in: Opgang 5 (1925), pp. 170-176.
  246. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Kunst in het Zuiden I, Tentoonstelling van Schilderijen te Maastricht’, in: Opgang 4 (1924), p. 849.
  247. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Kunst in het Zuiden II’, in: Opgang 4 (1924), p. 865.
  248. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Ludgerus-kweekschool’, in: Opgang 4 (1924), p. 944.
  249. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Matthieu Wiegman’, in: Opgang 6 (1926), pp. 413-418.
  250. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Matthieu Wiegman’, in: Opgang 4 (1924), pp. 477-492.
  251. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Nieuw werk van Joep Nicolas’, in: Opgang 9 (1929), pp. 194-196; met vijf afbeeldingen in het daaropvolgende artikel, pp. 197-199; 200.
  252. Meer de Walcheren, Pieter van der, ‘Toorop †’, in: Opgang 8 (1928), pp. 146-149.
  253. Meer, F.G. (Frits) van der, ‘De kerk en de schilderijen van Jacob Ydema’, in: Gedenkboek uitgegeven bij gelegenheid van het 600-jarig bestaan der parochie van Sint Michael te Woudsend 1337-1939, Woudsend 1937, pp. 29-34.
  254. Meer, Frits van der, Feestelijke gedachtenis. Beschouwingen over het kerkelijk jaar, Nijmegen 1995.
  255. Meiden, Willem van der, ‘Zoo heerlijk eenvoudig’. Geschiedenis van de kinderbijbel in Nederland, Hilversum 2009. *
  256. Meijer, R.J.J., red., Samen ruimte vieren, parochie Onze Lieve Vrouw van Altijddurende Bijstand 1923-1973, Bilthoven 1973.
  257. Meijers, Piet, George Tielens (1888-1950) Kunstenaar en gentleman, Geleen 2010. *
  258. Merlet, Herluf van, ‘De muurschildering van Otto van Rees in de Rozenkranskerk te Amsterdam (rubriek: Religieuse kunst van dezen tijd, onder verantwoordelijke redactie van Clemens Meuleman), in: Opgang 12 (1932), pp. 441-442.
  259. Meuleman, Clemens, Hedendaagsche religieuse kunst (met een inleiding van Jan Engelman), Amsterdam 1936.
  260. Meuleman], ‘Bericht’ (rubriek: Religieuse kunst van dezen tijd, onder verantwoordelijke redactie van Clemens Meuleman) , in: Opgang 12 (1932), p. 443.
  261. Meurs, W. van, ‘Chris Lebeau’, Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 17 (1907), pp. 289-292. *
  262. Mieras, Mark, Ben ik dat? Wat hersenonderzoek vertelt over onszelf, Amsterdam 2010.
  263. Miller, B.F., ‘Painting materials research in Munich from 1825 to 1937’, in: Painting techniques, History, Materials and Studio Practice, Contributions to the Dublin Congress 7-9 sept. 1998, Londen, pp. 264-248.
  264. Missale romanum, Rome 1570 (editie 1962). *
  265. Moerkerken, P.H. van, ‘Een boek over Der Kinderen, A.M. Hammacher. De levenstijd van Antoon der Kinderen. Amsterdam. H.J. Paris. 1932’, in: De Gids 97, (1933), pp. 279-290. *
  266. Molenaar, Nics, ‘Mozaïek-crucifixen ontworpen en uitgevoerd door Antoon Molkenboer’, in: Van Bouwen en Sieren 2 (1931), pp. 41-45.
  267. Molkenboer o.p., B.H., ‘De Kruisweg van Toorop’, in: De Beiaard 3 (1918), pp. 273-301.
  268. Molkenboer o.p., B.H., ‘Onze kerkschilderkunst’, in: Gildeboek 2 (1919), pp. 142-156.
  269. Molkenboer, A., ‘Aanvulling’ (op: Rooy, J.M.J. van, ‘De nieuwe transeptramen in Onze Lieve Vrouwe van Goede Raad te ’s-Gravenhage’), in: Opgang 3 (1923), pp. 57-60.
  270. Möller pr., I.B.W.M., ‘Het Genootschap van R.K. Kunstenaars te ’s-Gravenhage’, in: Gildeboek 5 (1923), pp. 121-132.
  271. Möller pr., J.B.W.M., ‘De H. Eucharistie en de moderne Katholieke Kunst’, in: Gildeboek 6 (1924), pp. 2-7.
  272. Mora, P., Mora, L., Philippot, P., Conservation of Wall Paintings, Butterworths London, ICCROM 1984.
  273. Nicolas, E., De heer van Jericho, Utrecht Brussel (z.j, 3de dr.) (1ste dr. 1946).
  274. Nicolas, Joep (toeschrijving), Ontwerp van de cryptebeschildering Asselt, Asselt 1922, typoscript in de Stadsbibliotheek Maastricht, Documentatie Limburg (de tenaamstelling is afgeleid van het feit dat hij de schilder was die in dit stuk uitleg geeft).
  275. Nicolas, Joep, ‘Kroniek: BeeIdende kunst: Mogelijkheden voor den hedendaagschen
    kunstenaar’, in: De Gemeenschap 15 (1939), pp. 211-223.
  276. Nicolas, Joep, ‘Rede gehouden door Joep Nicolas Voor het St. Bernulphusgilde II (rubriek: Religieuse kunst van dezen tijd, onder verantwoordelijke redactie van Clemens Meuleman)’, in: Opgang 12 (1932), pp. 82-89.
  277. Nicolas, Joep, ‘Religieuse kunst van dezen tijd, onder redactionele verantwoordelijkheid van Clemens Meuleman’, in: Opgang 12 (1932), pp. 91-94; 105-108.
  278. Nicolas, Joep, Wij glazeniers, Utrecht, z.j. (1938).
  279. Niehaus, Kasper, Schilderingen op muren en glazen door prof. R.N. Roland Holst, in: Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 43 (1933 juli-december), pp. 140-143. *
  280. Niemeijer, Elly, m.m.v. Doris Wintgens, ‘De Realisten’, in: Stokvis, De doorbraak van de moderne kunst, pp. 117-132.
  281. Nieuwbarn, M.C., Desiderius Lenz o. s. b. schoonheidsleer der Beuroner kunstschool, Overzetting, aanteekeningen en illustratie uit de Beuroner kunst, Bussum 1912.
  282. Nieuwbarn, M.C., Het Roomsche kerkgebouw, leer der algemeene symboliek en ikonografie onzer Katholieke kerken, Nijmegen 1908. *
  283. Oudkatholieke kerk Leiden, De fresco’s van Chris Lebeau (1878-1945), z.pl., z.j. (brochure gebaseerd op het verslag van pastoor G.A. Smit over de beschildering (1926-1929)).
  284. Overbeek, Frans e.a., Refrein van de toekomst, Nicolaaskerk Nieuwegein (voorheen Jutfaas), Nieuwegein 1998.
  285. Panofsky, E., Iconologie, thema’s en symboliek bij de renaissance schilders, Utrecht/Antwerpen 1970 (1e dr. 1962).
  286. Peeters, C., Kerkelijke kunst en architectuur ten tijde van Hendrik Andriessen, in: Hendrik Andriessen en het tijdperk der ontluiking, z.pl. (Nijmegen) 1993, pp. 45-72.
  287. Peeters, K. (C.J.A.C.), ‘Dichterlijke visies op de gotische kathedraal, van Verlaine tot Marsman’, in: Nader beschouwd, een serie kunsthistorische opstellen aangeboden aan Pieter Singelenberg, Nijmegen 1986, pp. 87-106.
  288. Pfeill, Karl Gabriël, ‘Johan Thorn Prikker’s beteekenis als voorlooper’, in: Opgang 12 (1932), pp. 651-655; 668-671.
  289. Plas, Michel van der en Jan Roes, De kerk gaat uit, Familiealbum van een halve eeuw Katholiek leven in Nederland, Bilthoven 1973.
  290. Plasschaert, Albert, De toegepaste Kunsten in Nederland, Muurschilderingen, Rotterdam 1926.
  291. Plasschaert. Albert, ‘Johan Thorn Prikker, een karakteriseering’, in: Opgang 4 (1924), pp. 538-546.
  292. Polak, Bettina, Het fin-de-siècle in de Nederlandse schilderkunst. De symbolistische beweging 1890-1900, Den Haag 1955. *
  293. Pollones, J. A., ‘Vier aspecten der Wereldtentoonstelling “Art et Technique” te Parijs, IV. De decoratieve kunst’, in: Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 47 (1937), pp. 94-99. *
  294. Polman, M., De kleuren van het Nieuwe Bouwen tijdens het Interbellum in Nederland (proefschrift TU Delft), 2012. *
  295. Posthumus, A.G., Abstract Expressionisme ten tijde van de Koude Oorlog, 1945-1960, Een vergelijkende literatuurstudie,(doctoraalscriptie RU Utrecht) 2007. *
  296. Potters, Marja, David Mulder, Thijs Stobbe, Inventaris van het archief.Kunstwerkplaatsen Atelier Cuypers/Stoltzenberg, Cuypers & Co., N.V. Kunstwerkplaatsen archief 1852-1957, Nederlands Architectuurinstituut, Rotterdam 2008. *
  297. Pouls, J, Karin Daamen-Heeskens, Anton de Leeuw, Pascale de Brabander, Roet Stapper-Vollenbergh, Jean Wiekken, Marij Simons, Charles Eyck 1897-1983, Kunstenaar tussen traditie en vernieuwing, Maastricht 1997.
  298. Pouls, J.H., Ware schoonheid of louter praal, De bisschoppelijke bouwcommissie van Roermond en de kerkelijke kunst van Limburg in de twintigste eeuw, Maastricht 2002.
  299. Pouls, Jos, ‘De kunstenaarsdagen van de Algemene Katholieke Kunstenaarsvereniging in Huijbergen (1932-1940), bakermat van de Delftse School’, in: Trajecta. Tijdschrift voor de geschiedenis van het katholiek leven in de Nederlanden 10 (2001), pp. 160-184 en 225-244. *
  300. Pouls, Jos, ‘Jean Adams (1899-1970), priester-kunstenaar in Midden-Limburg’, in: Trajecta. Tijdschrift voor de geschiedenis van het katholiek leven in de Nederlanden 19-20 (2010-2011), pp. 345-375. *
  301. Pursche, J., ‘Betrachtungen zur Malerei mit Alkalisilikaten, Geschichte, Maltechniek und Restaurierung’, in: Wohlleben, M., Sigel, B. (red.), Mineralfarben: Beiträge zur Geschichte und Restaurierung von Fassadenmalereien und Anstrichen, Festschrift zum 120jahrigen Bestehen der Firma KEIMFARBEN, Zürich 1998, pp. 53-66.
  302. R., Bij het werk van Willem Wiegmans, Van Bouwen en Sieren 2 (1931), pp. 203-207.
  303. Raaij, E. van, ‘De fresco’s van Georges de Geetere’, in: F.L. Jansen e.a, Sint Jacob ’s-Hertogenbosch. De kerk en zijn geschiedenis, ’s Hertogenbosch, 1993, pp. 79-90.
  304. Raaij, Ernst van (ed.). Met de blik naar het oosten. Piet Gerrits (1878-1957), Nijmegen 1992, Tent. cat. Nijmeegs Museum Commanderie van Sint Jan Nijmegen.
  305. Rackham, Don, en Karl Pesch Konopka en Bernadette van Hellenberg Hubar, De kop van de Sphinx, Waardenstellend onderzoek naar de ‘Timmerfabriek’ te Maastricht, deel 1: A prima vista en deel 2 Capita selecta, Ohé en Laak 2006. *
  306. Rijnders, Mieke, Willem van Konijnenburg. Leonardo van de Lage Landen, Zwolle 2008.
  307. Rogier, L.J. en N. de Rooy, In vrijheid herboren. Katholiek Nederland 1853-1953, Den Haag 1953.
  308. Rooijen, Henri van, Kerkelijke traditie en hedendaagsche kunst (rubriek: Religieuse kunst van dezen tijd, onder verantwoordelijke redactie van Clemens Meuleman), in: Opgang 12 (1932), pp. 802-809; 834-841. Idem, Opgang 13 (1933), pp. 11-14.
  309. Roon, Marike van, Goud, zilver & zijde. Katholiek textiel in Nederland 1830-1965, Zutphen 2010. *
  310. Rooy, J.M.J. van, ‘De nieuwe transeptramen in Onze Lieve Vrouwe van Goede Raad te ’s-Gravenhage’, in: Opgang 3 (1923), pp. 49-57.
  311. Schilder, Klaas, ‘Aesthetische Christusbeschouwing’, in: Veenhof, C. (ed.), Om woord en kerk. Preeken, lezingen, studiën en kerkbode-artikelen. Deel 4, Goes 1953, pp. 101-149 (overgenomen uit De Reformatie van 22 Juli 1921, 1ste Jaargang, No. 44, e.v.). *
  312. Schilder, Klaas, ‘Eros of Christus’, in: M.J. Leendertse en C. Tazelaar (uitgave), Christelijk Letterkundige Studiën II, Amsterdam 1926, pp. 130-218. *
  313. Schilder, Klaas, Bij dichters en schriftgeleerden, Amsterdam 1927. *
  314. Schiphorst, L.H.H.M., Een toevloed van werk, van wijd en zijd; de beginjaren van het Atelier Cuypers/Stolzenberg, Nijmegen 2004. *
  315. Schretlen, M.J., ‘Toorop’, in: Opgang 4 (1924), pp. 25-36.
  316. Schulte, A.G., Het Rijk van Nijmegen. Westelijk gedeelte, Den Haag / Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Zeist 1982. *
  317. Schulte, Ton, ‘Kerkelijk kunstbezit tussen dictatuur en onverdraagzaamheid, Friedrich Wilhelm Mengelberg, zijn kruiswegstaties in de Dom te Keulen en de navolging ervan in Nederland’, in: Jaarboek Monumentenzorg, Zeist-Zwolle (1991), pp. 114-136. *
  318. Sengers, Lode, ‘Werk van Lode Sengers’, in: Van Bouwen en Sieren 3 (1932),pp. 311-313.
  319. Siebenmorgen, Harald, Die Anfänge der “Beuroner Kunstschule” : Peter Lenz und Jakob Wüger 1850 – 1875, Ein Beitrag zur Genese der Formabstraktion in der Moderne, Sigmaringen 1983.
  320. Six, Jan, Katalogus der Bibliotheek van de Rijks-Academie van Beeldende Kunsten, Amsterdam 1910.
  321. Smeelen, Pius, ‘De nieuwe ramen van Lou Asperslagh in de kerk aan de Beeklaan, ’s Gravenhage’, in: Opgang 9 (1929), pp. 130-135.
  322. Sötemann, A.L., ‘Ritmisch, muzikaal bezeten. De dichter Jan Engelman.’ In: Feikema, Op gezang en vlees belust, pp. 91-117.
  323. Steiner, Rudolf, Algemene menskunde als basis voor de pedagogie (1919), Rudolf Steiner / Werken en voordrachten, Zeist 2001. *
  324. Stichting Vrienden van de Abt, De H. Antonius Abtkerk. Een Schevenings Monument, Scheveningen 2003.
  325. Stokvis, W., ‘Inleiding – De omstreden hergeboorte van de moderne kunst in Nederland; de jaren 1945-1951’, in: Stokvis, De doorbraak van de moderne kunst, pp. 11-36.
  326. Stokvis, W., red., De doorbraak van de moderne kunst in Nederland: de jaren 1945-1951, Amsterdam 1984.
  327. Stuyt, Jan, Franciscaansche Wandschildering, in: Gildeboek 16 1933, pp. 79-80.
  328. T. (Terburg), C.A., ‘Kunstbeschouwingen der scholastiek door Jacques Maritain’, in: Opgang 4 (1924), pp. 290-291; 318-320; 350; 391-394; 415; 439; 462-463; 474; 512-514; 532; 555-558; 579-581; 601-604; 634-638; 657-658; 673-676; 709-710; 724-727; 748-752; 768-771; 794-797; 820-823; 837-840; 872-875.
  329. T., A. E. v. d., ‘Muurschilderingen van Jan Grégoire’, in: Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 38 (1928), pp. 364-365. *
  330. Terburg, C.A., ‘Apologia pro vita’, in: Maritain-Terburg, Kunst en scholastiek, pp. 7-9.
  331. Th. (Thunnissen, H.), ‘Bij het werk van Antoon Molkenboer in de kerk van Onze Lieve Vrouw van Goeden Raad aan het Bezuidenhout te Den Haag’, Gildeboek 6 (1923), pp. 12-33.
  332. Thibaudier, J., Geschiedenis van de kruiswegstaties van de St. Ludgerusparochie te Balk (folder), Balk 2011.
  333. Thijm, J.A. Alberdingk, ‘De Heilige Linie, proeve over de oostwaardsche richting van kerk en autaer als hoofdbeginsel der kerkelijke bouwkunst’, in: Sterck, J.F.M., red. J.A. Alberdingk Thijm, werken IV, kunst en oudheidkunde I, Amsterdam/Den Haag 1909 (1e dr. 1858), pp. 1-198. *
  334. Thijm, J.A. Alberdingk, ‘Ikonografie der Onbevlekte Ontvangenis’, in: Dietsche Warande 4 (1858), pp. 255-264.
  335. Thijm, J.A. Alberdingk, ‘Opstellen over de kompozitie in de kunst’, in: Sterck, J.F.M., red. J.A. Alberdingk Thijm, werken IV, kunst en oudheidkunde I, Amsterdam/Den Haag 1909 (1e dr. 1843-1848/1857), pp. 199-332. *
  336. Thijm, J.A. Alberdingk, ‘Willen wij alleen de Gothiek?’, in: Dietsche Warande 4 (1858), pp. 171-180.
  337. Thijm, J.A. Alberdingk. ‘De harmoniën van het Oude en het Nieuwe Testament in de beeldende kunst, Biblia Pauperum’, in: Dietsche Warande 7 (1866), pp. 431-445; (vervolg): Dietsche Warande 8 (1869), pp. 55-67. *
  338. Thijm, J.A. Alberdingk. ‘De schilderkunst in het westersch Europa der middeleeuwen met name in Frankrijk’, in: Dietsche Warande 9 (1871), pp. 319-335; (vervolg): Dietsche Warande 10 (1874), pp. 232-272.
  339. Thompson, M.A., St. Bavo De nieuwe kathedrale kerk van Haarlem, Haarlem 1898.
  340. Thunnissen, H., ‘Bij het werk van Gerhard Jansen in de kapel van het R.K. Ziekenhuis Den Haag’, in: Gildeboek 6 (1923), pp. 175-178.
  341. Thunnissen, H., ‘De Glas-in-loodramen van de Sint Paschaliskerk te Den Haag’, in: Opgang 2 (1922), pp. 1; 4-5.
  342. Tibbe, L. ‘Alberdingk Thijm en de beeldende kunsten, zijn hoogleraarschap aan de Rijksacademie 1876-1889’ In: Geurts, P.A.M., red. J.A. Alberdingk Thijm, erflater van de negentiende eeuw. Baarn 1992, pp. 157-174.
  343. Tibbe, L., R.N. Roland Holst 1868-1938, ‘Arbeid en schoonheid vereend’, opvattingen over gemeenschapskunst, (proefschrift VU Amsterdam), Amsterdam/Nijmegen 1994.
  344. Timmermans, Felix, ‘Pater Gregorius de Wit, de monnik die kunstschilder is’, in: Opgang 4 (1924), pp. 170-173.
  345. Timmers, J.J.M., Symboliek en iconographie der Christelijke kunst, Roermond-Maaseik 1947.
  346. Timmer-van Eunen, Annemarie, ‘Men voelt het of men voelt het niet’, De kunstkritiek van Jan Engelman (proefschrift RU Groningen), Groningen 2007. *
  347. Torraca, Giorgio, Porous building materials, ICCROM, Rome 1988.
  348. Trappeniers, ‘Antoon Derkinderen als hoogleraar-directeur van de Rijksacademie van beeldende kunsten in Amsterdam (1907-1925), in: Trappeniers, Derkinderen, pp. 51-63.
  349. Trappeniers, M., red., Antoon Derkinderen 1859-1925, Tent. cat. ’s-Hertogenbosch, Noordbrabants Museum 1980; Amsterdams Historisch Museum 1980-1981; Drents Museum 1981, ‘s-Hertogenbosch 1980.
  350. Tuinen-Taselaar, Elina van, Thé Lau / Mattheus Josephus Lau, 1889-1958, (Kranenburgh-Cahier nr. 19), Bergen 2006.
  351. Tuyll van Serooskerken, Carel van, red. en Wiepke Loos, Waarde Heer Allebé, Leven en werk van August Allebé (1838-1927), Zwolle 1988, Tent. cat. Teylers Museum Haarlem.
  352. Valk , M.W. van der, A.J. Derkinderen, Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift 16 (1906), pp. 289-297. *
  353. Van den Hengel, W., ‘Bij eene communiebank. Schildering van Schelfhout’, in: Gildeboek 6 (1923), pp. 164-166.
  354. Verheijen, Roos, ‘Het kunstenaarschap van Antoon Derkinderen’, in: Trappeniers, Derkinderen, pp.17-27.
  355. Verkade, Willibrord, Des Cennino Cennini Handbüchlein der Kunst, Straatsburg 1916.
  356. Verkade, Willibrord, Van ongebondenheid en heilige banden, herinneringen van een schilder-monnik, Den Bosch 1920 (1ste dr. 1917).
  357. Verschuuren, A., ‘Aesthetische gedachten’, in: Van bouwen en sieren 2 (1931), pp. 369 e.v.
  358. Verwey, Albert, ‘Boeken, menschen en stroomingen. W. Worringer: Formprobleme der gotik’, in: De Beweging 13 (1917), pp. 356-265. *
  359. Verwilst o.p., L., ‘De liturgie leidsvrouw der schoone kunsten’, in: Van Bouwen en Sieren 3 (1932), pp. 10-15.
  360. Veth, Jan, ‘Een gekleurd glasraam in het nieuwe Utrechtsche Universiteitsgebouw, geschilderd door A.J. Derkinderen’, in: De Gids 58 (1894), pp. 307-316. *
  361. Vickers, B., In defence of rhetoric, Oxford 1990 (1e dr. 1988).
  362. Viollet-le-Duc, E.E. Dictionnaire raisonné de l’architecture française du XIe au XVIe siècle, 10 delen. Parijs 1854 1868 (I-1854, II-1854, III-1858, IV-1859, V-1861, VI-1863, VII-1864, VIII-1866, IX-1868, X-1869), in het bijzonder deel VIII, lemma Peinture. | http://bit.ly/Viollet-le-Duc-Dictionnaire
  363. Viollet-le-Duc, E.E., Entretiens sur l’architecture, 2 delen, Brussel/Luik 1986 (4de druk; oorspronkelijk Parijs 1863-1872). *
  364. Visscher, J. de, Het verhaal van de kunst, een wijsgerige hermeneutiek van het kunstwerk, Amsterdam 1990.
  365. Visser, Herman F.E, ‘De literatuur over Vincent van Gogh’, in: De Beweging 13 (1917), pp. 322-340. *
  366. Volkers, Tineke, ‘Drie grote opdrachten’, in: Trappeniers, Derkinderen, pp. 29-36.
  367. Vondel], J. V. Vondels poëzy of verscheide gedichten: op een nieu by een vergadert, en met veele ook voorheen nooit gedruckte dichten vermeerdert; mitsgaders een aanleidinge ter Nederduitsche Dichtkunste en het Leven des Dichters, Franeker, 1682, 2 delen, deel 2. *
  368. Vries, Jan de, ‘Gemeenschap en wereld-ik, geheel op de wijze der kunst’, Nederlandse kunstkritiek en moderne kunst circa 1900-1920 Albert Verwey, Albert Plasschaert, Just Havelaar, Theo van Doesburg, Amsterdam 1990.
  369. W., ‘De St. Jozefkerk te Zwolle’, in: Gildeboek 16 (1933), pp. 126-129.
  370. Wagner, Velten, Avantgardist und Malermönch: Peter Lenz und die Beuroner Kunstschule, Hildesheim 2007.
  371. Waterkamp pr., J.M.J., ‘Liturgie en kunst’, in: Ars sacra, pp. 228-232.
  372. Wehlte, K., Werkstoffe und techniken der Malerei, Ravensburg 1967/1992.
  373. Weymans, M., ‘Heinrich Campendonk’, in: Hoogveld, Glas in lood, pp. 218-219.
  374. Wezel, Gerard van, ‘“Streven naar iets wat nog niet is gemaakt”. Presentatie en directe ontvangst van het werk van Jan Toorop in het fin-de-siècle’, in: M. Bisanz-Prakken, Toorop / Klimt. Toorop in Wenen: Inspiratie voor Klimt, Den Haag en Zwolle 2006-2007, pp. 9-53.
  375. Wezel, Gerard van, ‘Dertiende statie: Jezus wordt van het kruis genomen 1918’, in: Marja Bosma, red., Vier Generaties. Een eeuw lang de kunstenaarsfamilie Toorop/Fernhout, Utrecht 2001, Tent. cat. Centraal Museum Utrecht, pp. 59-61.
  376. Wezel, Gerard van, ‘Jan Toorop’, in: M. Bosma, red., Vier generaties. Een eeuw lang de kunstenaarsfamilie Toorop/ Fernhout, Utrecht 2001, pp. 31-61.
  377. Wezel, Gerard van, en Rob Crèvecoeur, ‘Amsterdam, Gebouw van de voormalige ANDB’, in: KNOB 79 (1980), pp. 90-94.
  378. Winckelmann, J.J., Gedanken über die Nachahmung der griechischen Werke in der Malerey und Bildhauerkunst (Zweyte vermehrte Auflage), Dresden/Leipzig 1756.
  379. Wintgens, Doris, Reacties in de kranten op het beleid van het stedelijk museum’, in: W. Stokvis, De doorbraak van de moderne kunst, pp. 37-46; 93-106.
  380. Wissing, A.J., e.a. Toorop’s kruisweg St. Bernulphus Oosterbeek, Oosterbeek 1980.
  381. Worm, Piet en Tia Wiegman, Matthieu, Leven en werken van de kunstschilder Matthieu Wiegman, z.pl., z.j. (1986).
  382. Woudsma, Henk, Beeldhouwkunst, schilderkunst en toegepaste kunst van 1945 – 1995, uit de collecties van Belgische en Nederlandse musea, (Haren, z.j.). *
  383. Zetten, Gert van, Emmanuel Perey, Nijmegen z.j (circa 2010). *

Verkorte link: https://bit.ly/3DtQgp

← Terug naar De genade van de steiger!